Column binnenlands Bestuur 23 04 2004
Om in de maalstroom van rapporten aan politiek en bestuur nog op te vallen, is creativiteit nodig. Een knap gecomponeerde nota alleen is onvoldoende, verpakking en timing telt zwaar. Toch zijn er grenzen.
Voorlichting moet geen propaganda worden, de communicatiekosten dienen proportioneel blijven en de verpakking mag de aandacht niet van de inhoud afleiden. Zo bezien begeeft de Algemene Rekenkamer zich met haar Verslag 2003 op glad ijs. Dit verantwoordingsdocument is ontijdig, bevat meer animatie dan informatie en is peperduur.
Het proces van begroten en verantwoorden bij de rijksoverheid kent een strakke ritmiek. Dat komt voort uit de beginselen van budgettaire besluitvorming. Het beginsel 'gelijktijdigheid van stukken' waarborgt dat besluiten op één moment kunnen plaatsvinden, volgend op Prinsjesdag. De verantwoording van regering aan parlement is ook geconcentreerd op één dag, de derde woensdag in mei. Daar moet je niet van afwijken, zoals de Rekenkamer nu doet door voor de muziek uit te lopen en al in april te rapporteren, omdat dit de parlementaire verantwoording uitholt.
Behalve de timing is de informatiewaarde essentieel voor transparante budgettaire besluitvorming en dechargeverlening. In de Grondwet en Comptabiliteitswet 2001 zijn de fundamenten hiervoor gelegd, dikke rijksbegrotings- en verantwoordingsvoorschriften bevatten de details. Iedere tittel en jota van begroting en jaarverantwoording is bepaald. Dit is geen pretje voor creatieve geesten, maar goed verdedigbaar. Verantwoordingsdocumenten zijn om het parlement te informeren, opdat decharge kan volgen, niet om te animeren met plaatjes en praatjes.
Begrijpelijkerwijs wordt regelmatig aangedrongen op meer variatiemogelijkheden in de sobere vormgeving van Kamerstukken als begroting en vooral verantwoording. Parlement en Financiën blijven echter aandringen op eenvormigheid, om redenen van inzichtelijkheid, vergelijkheidbaarheid en niet in de laatste plaats soberheid. Steeds meer publieke diensten trachten aan dat juk te ontsnappen, Zij willen zich 'horizontaal verantwoorden' (zeg maar PR naar de samenleving) en zo is inmiddels een tweede verantwoordingscircuit ontstaan. De parlementaire stukken blijven sober en worden gepubliceerd op voorgeschreven tijdstippen, hier aan voorafgaand worden glossy's uitgebracht. Het Verslag 2003 van de Algemene Rekenkamer is daar een voorbeeld van. Bijna honderd bladzijden glimmend papier met de meest smeuïge bevindingen in chocoladeletters. Het verslag zit vol uitvouwbare schema's en paginagrote foto's van haar Haagse relaties, chemische fabrieken en doorgeladen pistolen (objecten van onderzoek?), plus een staatsieportret van de top van de Rekenkamer zelf.
Dit verslag, hoe fraai ook uit oogpunt van vormgeving en ingegeven door de begrijpelijke behoefte aan publieke verantwoording (Wat gebeurt er met uw geld? Nu dit!) is qua uitvoering overdadig, qua inhoud in onbalans en qua timing ontijdig. Immers, op de derde woensdag in mei leggen departementen en Hoge Colleges tezamen publiekelijk verantwoording af. Op één moment, in sobere opmaak, zodat alle aandacht uitgaat naar de inhoud. Wanneer de departementen het voorbeeld van de Rekenkamer volgen en naar eigen keus in maart, april en mei glossy's gaan uitbrengen, verdwijnt die ordelijkheid. En wat is er de derde woensdag in mei dan nog te melden aan het parlement? Welke belastingbetaler is tegen sobere maar informatieve jaarverslagen van ZBO's, departementen of de doelmatigheidskampioenen van de Algemene Rekenkamer?
Geen opmerkingen:
Een reactie posten