maandag, september 26, 2005

Zoet en zuur in zicht

Column Binnenlands Bestuur dd 23 september 2005

Vraag niet hoe het kan maar dit keer is de primeur niet voor Frits Wester maar wist uw lijfblad de Miljoenennota 2007 als eerste in handen te krijgen. Als klap op de vuurpijl kunt u zelfs het nieuwe regeerakkoord al inzien!

Miljoenennota 2007
Het kan niet op! Het verkiezingsjaar 2007 wordt het oogstjaar voor Nederland en het kabinet, zoeter dan zoet. Nederland staat er beter voor dan ooit. De hervormingsagenda van het kabinet heeft op een groot aantal terreinen de economische ontwikkeling verstevigd, de overheid is slagvaardiger geworden, de democratie is verbeterd en de samenleving is veiliger geworden. Er is voor iedereen perspectief op werk, zonodig een sociaal vangnet, er is betaalbare gezondheidszorg, een veiligere maatschappij. Kortom meer welvaart.
De vennootschapsbelasting is verlaagd en de arbeidsdeelname is bevorderd. Bedrijven kennen een beter ondernemingsbestuur en minder administratieve lasten. Er zijn door de hervorming van het stelsel van sociale zekerheid meer mensen aan het werk. WAO en WW zijn aangepast. De Wet Werk en Bijstand blijkt succesvol. De criminaliteit en de overlast zijn verminderd. De prestaties van de politiekorpsen en het justitiële apparaat stijgen meetbaar. Het integratiebeleid van het kabinet, heeft resultaten opgeleverd. De instroom van asielzoekers daalt sterk. De zorgverzekeringswet is ingevoerd. De burger kan zelf de verzekeraar kiezen met de beste verhouding tussen kosten en kwaliteit. Het economische herstel zet verder door. De Nederlandse economie én de overheidsfinanciën zijn duurzaam verbeterd. Overschotten kiemen aan de horizon. Iedereen wordt rijk en gelukkig.

Regeerakkoord 2007
Nederland bevindt zich in zwaar weer. De burgers zijn zich meer dan ooit bewust van de gebreken die onze samenleving vertoont en van de noodzaak de kwaliteit van onze democratie, de publieke dienstverlening, de veiligheid, het onderwijs en de zorg te verbeteren. Tegelijkertijd is de economische en budgettaire situatie van ons land dramatisch slechter geworden. Het nieuwe kabinet wil daarom hard aan de slag voor een beter Nederland. Het kabinet zet zich in voor een sterke economie, een slagvaardige overheid, een betere democratie en een veilige samenleving.
Er is sprake van een verslechtering van de concurrentiepositie. De kosten van de gezondheidszorg exploderen. De begroting vertoont weer oplopende tekorten. De problemen zijn niet alleen van tijdelijke, maar ook van structurele aard. Ook de stijgende kosten van de vergrijzing van de bevolking vragen om een houdbare oplossing.
De mensen klagen over de kwaliteit van de publieke dienstverlening. Wachten in de zorg, op de trein en in de file, gevoelens van onveiligheid, beperkte openingstijden van overheidsdiensten, bureaucratie, de kwaliteit van het onderwijs, overdadige regelgeving. Bovenmatig ziekteverzuim, bureaucratie, veel en gedetailleerde rijksregels, te veel aandacht voor beleid maken en te weinig voor de uitvoering daarvan, een ingewikkeld oerwoud van subsidies, gebrek aan handhaving: het zijn allemaal signalen van een overheid die minder doeltreffend en doelmatig is dan gewenst. Dit kabinet gaat deze problemen bij de naam noemen en werken aan verbetering. Nederland is zuur.

dinsdag, september 20, 2005

Waar zijn de cijfers? (essay)

Prinsjesdag essay verschenen in Binnenlands Bestuur dd 23 september 2005

Begroten is kiezen en de gemaakte keuzen verantwoorden. Hoewel de begrotingen veel, heel veel tekst bevatten, bieden zij op cruciale momenten te weinig uitleg.

Wie de kersverse departementale begrotingen doorbladert valt een ding direct op: wat staan er weinig cijfers in. Soms is 95 procent van een beleidsartikel platte tekst, aangevuld met een enkele tabel. Hoe weinig tabellen, grafieken, illustraties of toelichtingen op budgettaire verschuivingen bevatten de begrotingen. 'This is not a budget, this is storytelling' verzuchtte een buitenlandse bezoeker die een Nederlandse begroting doorbladerde. 'Where are the numbers'? Inderdaad, interessante cijfermatige toelichtingen zijn schaars. Uitgaven per doelgroep, per instrument, of dwarsdoorsneden en overzichten van beleid dat door meerdere departementen gezamenlijk wordt gevoerd, schitteren door afwezigheid.

Nu is het vormgeven van begrotingen een kunst op zich, want dat ene brok papier dient vele doelen. Het is de basis voor de formele besluitvorming door het parlement. Daarom heeft een begroting de opbouw en het uiterlijk van een wet en vindt de besluitvorming langs de wettelijke procedure plaats. De begroting is ook een beheersinstrument voor departementen, om geld te verdelen over budgetverantwoordelijken, zodat in de loop van het jaar te volgen is of de besteding van middelen binnen de afspraken en plafonds plaatsvindt. En de begroting is dé plek om politieke keuzen te maken; over de omvang van de rijksuitgaven, de verdeling van het geld tussen departementen, tussen doelstellingen en tussen instrumenten. In het verlengde daarvan vormt de begroting ook de basis voor de verantwoording over de gemaakte keuzen, tussen ambtenaar en minister, tussen minister en parlement, tussen politiek en samenleving. 'Budgets are moral documents. They reveal the true priorities of our politicians' verwoordde de Amerikaan Jim Wallis dat eerder. Begroten dwingt tot kiezen en legt keuzen bloot.

De afgelopen jaren is er flink gesleuteld aan de vormgeving. Sinds 2002 zijn begrotingen van departementen per beleidsterrein opgebouwd rond drie kernvragen: 'wat willen we bereiken', 'wat gaan we daarvoor doen' en 'wat mag het kosten' . Men hoopte zo een betere aansluiting tussen de financiële verantwoording en de begroting van een departement te bewerkstelligen, zodat het parlement de ministers kan aanspreken op de gemaakte beloften. Verder moesten beleidsbegrotingen beter inzicht bieden in de samenhang van doelen, instrumenten en budgetten.

Deze VBTB-operatie (Van Beleidsbegroting Tot Beleidsverantwoording) heeft deels haar doel bereikt. De begrotingen zijn leesbaarder en dunner en de financiële verantwoording wordt sinds 2002 al in mei ingediend, vier maanden vroeger dan voorheen. Toch heerst er in Den Haag geen jubelstemming. Het ministerie van Financiën besprak in de eigen evaluatie begin 2005 openhartig de beperkte resultaten. Er staan te veel doelen in begrotingen. Doelen, instrumenten en budget hangen als los zand aan elkaar, enige causaliteit wordt niet plausibel gemaakt. Prestatiemeeting is een bureaucratisch proces geworden met perverse kantjes.
Drie keer debatteerde de parlementaire commissie Rijksuitgaven met minister Zalm over de evaluatie en de daaruit te trekken lessen. De contouren van een aangepaste vormgeving zijn nu zichtbaar.

Hoewel niet meer zo geforceerd als in de vorige opzet moeten begrotingen nog steeds inzicht geven in doelen van beleid, middelen en budget. Ook gebleven is informatie over de budgetflexibiliteit en de voorziene evaluaties. Nieuw is een toelichting op de aard van de ministeriële verantwoordelijkheid voor een beleidsterrein en een opsomming van de beleidsbepalende succesfactoren. Ook nieuw is dat begrotingen minder uitleg hoeven te bevatten maar vaker mogen doorverwijzen. Kernvraag blijft echter of begrotingen een goede toelichting geven op de relatie tussen gevraagde budgetten en beoogde resultaten. Een eerste verkenning stelt niet echt gerust.

Neem het ministerie van LNV. Dit departement verwoordt haar ambities voor het 'agrofoodcomplex en de groene ruimte' in één beleidsartikel 'kennis en innovatie'. Ruim 850 miljoen euro per jaar heeft LNV voor dit doel beschikbaar. Het grootste deel van het geld is voor het waarborgen van het kennisstelsel, in casu bijdragen aan de Wageningse Universiteit (ruim 130 miljoen.), onderzoekseenheid DLO (ruim 30 miljoen.) en groenonderwijs op hbo/mbo/vmbo (ruim 400 miljoen.). Tot zover nietszeggende, feitelijke informatie. Nu streeft LNV er naar dat honderd procent van de scholen een positieve beoordeling krijgt van de Onderwijsinspectie. Mbo en vmbo blijken dit doel echter bij lange na niet te halen. In 2004 is slechts 58 procent positief beoordeeld en ook voor 2006 blijft het streven 58procent. Nu wordt het politiek relevant. Heeft de minister gebrek aan ambitie voor 2006? Heeft hij wel ambities maar ontbreekt het budget? Juist op dit punt geeft de begroting geen antwoord meer. De lezer snakt naar duidelijkheid. Wanneer wordt het doel wel gehaald? Hoeveel geld zou daarvoor nodig zijn?

Een ander voorbeeld. Het ministerie van Justitie financiert de Nederlandse rechtspleging en rechtsbijstand. Dat vergt jaarlijks ruim 1,1 miljard euro. Zeven tientjes per burger. De Raad voor de Rechtspraak, het doorgeefluik van geld van Justitie aan de gerechten, besteedt daartoe ruim zevenhonderd miljoen euro per jaar. Tussen de door gerechten te leveren 'productie' en het budget bestaat een nauwe relatie. Nu wordt er de komende jaren rekening mee gehouden dat er extra gerechtelijke productiecapaciteit nodig is, een groei van zo'n twintig procent. Toch blijft het meerjarig budget stabiel. Hoe kan dit ? Justitie schept daarover volledig klaarheid. Er is in de begroting alleen voor 2006 rekening gehouden met extra zaken. De jaren erna moet maar opnieuw worden gekeken hoe de groei van rechtszaken te financieren is. Sterker nog, in de toelichting staat dat er voor gekozen is de sterke groei van de afgelopen twee jaar niet helemaal mee te rekenen in de verwachte toekomstige groei, gelet op de scherpe recente stijging. Ook is voor 2006 vast de doelmatigheidsverbetering van twee procent ingeboekt die pas in 2007 zou worden bereikt. Los van de appreciatie hiervoor, deze openhartige weergave van het te verstouwen werk, het ontbreken van budget en de gemaakte arbitraire keuzen maakt een echte politieke afweging mogelijk.. En zo hoort het.

Toch valt nog iets anders op, wat te illustreren is met dezelfde de Justitiebegroting. Om de genoemde uitgaven aan gerechten en rechtsbijstand van 1,1 miljard toe te lichten gebruikt Justitie ruim tien bladzijden.. Maar Justitie heeft vrijwel evenvéél bladzijden nodig om in een eerder artikel toe te lichten dat ze tien miljoen besteed aan wetgevingsarbeid. Ruim tien dichtbeschreven bladzijden met volstrekt onbelangrijke niet-budgettaire informatie leidt ertoe dat hier laten we zeggen een miljoen aan uitgaven per bladzijde wordt toegelicht en bij het hiervoor genoemde beleidsartikel één bladzijde beschikbaar is voor het toelichten van bijna 100 miljoen euro aan uitgaven. Dat deugt niet.

Ook andere begrotingen zijn soms heel kort door de bocht. Economische Zaken licht in krap drie bladzijden toe hoeveel ze besteed aan het CBS, ruim 160 miljoen. De raming voor komend jaar groeit ten opzichte van eerdere ramingen voor 2006 met bijna vijf miljoen. De reden? Die blijft onvermeld. Nieuwe mutaties heet dat, zonder een snipper toelichting. Krimpt het CBS niet snel genoeg ondanks opgelegde taakstellingen? Of zijn er nieuwe taken aan het CBS toevertrouwd en is extra geld vrijgemaakt? Laat het parlement daar dan wel over mee beslissen en licht mutaties ordelijk toe.

Hoewel de restyling van de begroting een hele verbetering is ten opzichte van de wat rituele VBTB-sjablonen, schiet de informatie tekort op een inhoudelijke toelichting van de budgettaire keuzen die zijn gemaakt. Weg mogen de tijdloze verhalen en lange opsommingen die nu en over tien jaar hetzelfde zullen zijn. Begroten is kiezen en de begroting moet gemaakte keuzen toelichten. Waaróm geld is verschoven tussen beleidsterreinen, tussen instrumenten, tussen de jaren. Wat de relatie is tussen meer of minder geld en de gevolgen voor de te leveren prestaties. Op basis daarvan kan het parlement echt begrotingen en mutaties autoriseren of amendementen voorbereiden. Kortom, er blijft werk genoeg aan de winkel.

vrijdag, september 09, 2005

Te koop

Column Binnenlands Bestuur dd 9 september 2005

De nieuwe Amerikaanse ambassadeur is net als zijn voorgangers eerst en vooral een gulle donateur aan de president van de Verenigde Staten. Steeds vaker lijken marktprincipes morele of juridische beginselen te overvleugelen. Tijdens een college rechtseconomie voor studenten rechten en economie werd de volgende casus voorgelegd. Verkoper A heeft afgesproken een fiets te verkopen aan B voor honderd euro. Hij ontdekt echter dat koper C bereid is het dubbele te betalen voor de fiets. Als A niet aan B levert, moet hij B natuurlijk compenseren, maar kan hij per saldo nog steeds beter af zijn. Mag hij leveren aan C? Neen, stelden de meeste rechtenstudenten, contract is contract, dat is een groot goed. Natuurlijk wel, meenden de economen, als B voldoende gecompenseerd wordt moet hij niet zeuren. Allen zijn beter af.
Ook in het voetbal botsten deze waarden afgelopen weken. Dan doel ik niet alleen op Talpa, dat commercials en wedstrijdverslagen in een rare volgorde mixt, of handelshuis PSV dat zijn spelers in een beleggingsmandje stopte. Twee andere voorvallen illustreerden de schijnbaar niet meer te stoppen vermarkting van voetbal.
Een verarmde Duitse voetbalclub bood een plaats in haar eerste elftal aan tegen betaling van enige duizenden euro's. De zoon van de steenrijke Gaddafi speelde ook al om onduidelijke redenen bij Perugia, maar het zou toch vreemd ogen wanneer Ajax bijvoorbeeld de jonge Johnny de Mol in de spits zet, vanuit de gedachte: met zijn tienen kunnen we ook winnen en die jongen brengt wat extra centen binnen.
Tweede voorbeeld. In het economenvakblad ESB berekenen twee economen deze maand dat er veel voor te zeggen is een aantal voetbalclubs te verplaatsen. Dit omdat sommige regio's potentieel veel bezoekers kennen, maar geen club in de nabijheid hebben. Terwijl in andere gebieden te veel clubs om bezoekers concurreren. Dus net zoals in de VS soms een profteam naar een andere stad verhuist, zou dat ook in Nederland kunnen. Ook hiervoor geldt weer, het kan, Philips heeft zijn hoofdkantoor verplaatst naar Amsterdam maar om nu de club ten behoeve van het toeschouwersaantal naar een grote stad als Den Haag te verplaatsen? RKC naar Ede, Emmen naar Almere?
De stroom van ideeën tot vermarkting van diensten, ook publieke diensten is nog lang niet ingedamd. Zo werkt de kinderopvang nu via vraagfinanciering, waarbij ouders geld op de bankrekening krijgen om opvang in te kopen. Dat pakt niet altijd goed uit. Een krant meldde dat een jonge moeder van het grote bedrag 'nieuwe borsten aanschafte', terwijl het kinderdagverblijf met een oninbare rekening bleef zitten. De collectieve VUT wordt individueler, levensloopregeling en pensioenen volgen. In het nieuwe zorgstelsel zal ongezond gedrag worden afgestraft via dure aanvullende polissen. Er waren al polissen voor wie niet mee wilde betalen aan kosten van geboorten, straks moeten rokers, soa-lijders en chipseters ook een eigen aanvullende verzekering. En ik wil over tien jaar ambassadeur worden op de Maldiven. De markt maakt het allemaal mogelijk.