Column Binnenlands Bestuur dd 18 november 2005
Deze week presenteerden PvdA, GroenLinks en D66 een initiatiefwetsvoorstel voor referenda. Een onderdeel van dit voorstel frappeert me, het wegens 'te grote staatsbelangen' uitzonderen van belastingwetten. Net terug uit de VS ben ik wederom gefascineerd door de burgerinitiatieven die daar ter plekke juist laten zien dat burgers zeer evenwichtig stemmen, ook in referenda over belastingwetten.
Zo vond vorige week in Colorado een fel bediscussieerd belastingreferendum plaats. Wat speelde er? In een bestaande wet, in 1992 ingevoerd na een referendum, is bepaald dat de overheidsuitgaven en inkomsten slechts mogen stijgen met de inflatie en op grond van demografie.
Deze Taxpayers Bill of Rights (TABOR) heeft fikse gevolgen gehad voor de staat Colorado. Wanneer namelijk door economisch groei sprake was van meevallende belastingontvangsten, moesten deze het volgende jaar direct worden teruggegeven aan de burgers. Zeker in de jaren van hoge economische groei leidde dit tot de teruggave van enorme bedragen, ruim 3 miljard dollar van 1997-2003. Bijna jaarlijks werd door uitgavenbeluste actiegroepen in referenda geprobeerd belastingmeevallers alsnog bij de overheid te houden of bepaalde belastingen te verhogen, maar steeds wees de bevolking dit in (krappe) meerderheid af. Door velen, waaronder het voor overheidsbemoeienis bijna allergische Cato-Institute, werd TABOR in Colorado dan ook gezien als een krachtig bewijs van een zelfbewust kiezersgedrag. In economische hoogtijdagen hoefde de overheid niet te groeien, in mindere jaren zonodig wel. Keynesiaans kiezersvolk zouden economen zeggen.
Maar strikte disciplinering van uitgaven en ontvangsten kende ook neveneffecten. Onderzoekster Christine Martell publiceerde kritisch wat de soms vergaande gevolgen waren geweest van TABOR. Omdat in goede jaren de belastingmeevallers werden teruggegeven maar in slechte jaren de belastingen niet zijn verhoogd - maar de uitgaven verlaagd, daalde de overheidsuitgaven per inwoner in Colorado de laatste zeven jaar met in totaal 14%. Door de jaren heen zijn de collectieve voorzieningen in de staat qua niveau achtergebleven bij andere staten, maar is ze wel een relatief fiscaal gunstige verblijfplaats geworden. Overigens noemt men dat in de VS Missisippificatie, lage belastingen, beperkte collectieve voorzieningen, zoals in veel zuidelijke staten.
Om toch uit het ijzeren korset van budgetkaders te breken bleek de neiging tot creatief financieel management in Colorado sterk toegenomen. Voorbeelden? Decentralisatie van taken zonder middelen mee te geven, privatisering, stelselwijzigingen in de boekhouding, uitstel van betaling van subsidies en ambtenarensalarissen tot na de jaarwisseling, budgettaire ‘gimmicks’ kortom.
Vorige week vond het referendum plaats over de bestemming van geraamde belastinggroei in de jaren 2006-2010 en bleek de maat voor de burgers vol. Gevoed door analyses als van Martell en na fervente pleidooien van zelfs de Republikeinse gouverneur Owens en tal van actiegroepen, besloot 52% van de kiezers de geraamde 3,5 miljard dollar aan belastinggroei te besteden aan extra onderwijs- en zorguitgaven. Kiezers zijn niet gek. De broekriem was blijkbaar genoeg aangehaald, nu mochten de voorzieningen weer wat meer volume krijgen. Waarom zou dat in Nederland nu niet ook kunnen?
Geen opmerkingen:
Een reactie posten