maandag, mei 22, 2006

De supernanny?

Column Binnenlands Bestuur dd 26 mei 2006

De artikelen van de Britse arts en schrijver Theodore Dalrymple hebben in eigen land en erbuiten veel stof doen opwaaien. De bundel 'Leven aan de onderkant' deed dat ook in Nederland, omdat Dalrymple krachtig ageert tegen het waardenrelativisme van linkse en liberale denkers die ondermeer onze Paarse kabinetten bevolkten. Centraal in zijn denken staat de idee dat hun vergoelijkende spreken over maatschappelijke problemen lang heeft gefungeerd als te zachte heelmeester voor sociale problemen aan de onderkant van de samenleving. Wat deze denkers beleden als vrijheden richtte echter rampen en rampjes aan voor mensen die niet opgewassen bleken tegen de overdaad aan vrijheden. Te veel vrijheid kortom kan ook funest uitwerken, met fors stijgende criminaliteit, alcoholisme, drugsgebruik, sociale deprivatie, mishandeling binnen relaties en gebroken gezinnen tot gevolg.
Het boek van Dalrymple bevat een aaneenschakeling van beschrijvingen dergelijke situaties. Zijn grootste aanklacht is echter het vergoelijkende spreken en het wijzen op verklaringen voor het ontsporen van velen. De snel veranderende leefwereld, de moeilijke jeugd, de relatieve armoede, excuses te over. Maar het wijzen op en nemen van de eigen verantwoordelijkheid blijft uit.
Het verhaal over de gebrekkige normativiteit van de overheid is hiermee niet helemaal af. Want juist de laatste tijd wordt de overheid als hoeder van waarden herontdekt. En dan doel ik niet op mislukte normen en waardenwebsites. Weekblad The Economist trok laatst aan de bel vanwege het woekerende 'zachte paternalisme'. Niet langer strenge ge- en verboden instrumenteren het beleid. Nee, de overheid doet zich voor als onze beste vriend, maar wel een die iets van ons wil, op ons gemoed of geweten inspeelt en ons 'voor ons eigen bestwil iets wil laten doen of doen laten. 'De auto kan best een dagje zonder u'. ´Vrij veilig´. Of het recente besluit tot handhaving van de bedenktijd voor zwangerschapsafbreking. ‘Denk nog eens na’. Niet langer harde maatregelen maar 'in uw eigen belang en in het belang van ons allemaal' worden burgers verleid mee te gaan in de gewenste gedragsrichting. Subtiele financiële prikkels ondersteunen deze arrangementen. ´Spaar voor een welverdiende sabbattical met de levensloopregeling en ontvang een mooie fiscale tegemoetkoming. '
Toch is dit 'zachte paternalisme' niet geheel zonder problemen. Echte aanhangers van de nachtwakersstaat zullen er terecht een bezwaar tegen hebben dat hoewel de overheid niet via financiële middelen stuurt, ze wel degelijk een verregaande gedragsbeïnvloeding van burgers nastreeft. Een supernanny die ons betuttelt en weet wat goed voor ons is. En last but not least, staatspaternalisme en moreel gezag om burgers met zachte hand te bewegen tot het nalaten van ondeugden, vereist een hoge eigen mate van onberispelijkheid. Zolang de dokter rookt, stoppen weinig patiënten. Ergo? Het behoud van de ambtenarenstatus als intern appél en extern teken van het ‘anders zijn’ van werknemers in de publieke sector is dringend gewenst. En : het te digitaal uitleggen van complexe wetgeving in individuele gevallen wet met de slogan dat ´regels nu eenmaal regels zijn´ botst te zeer met breed gevoelde, diepere rechtsbeginselen. Niet meer doen dus, om moreel gezag te behouden.