Column Binnenlands Bestuur dd 26 oktober 2007
Het politiek landschap in Nederland restaureert zich weer prachtig over het links-rechtsspectrum. ‘Even poseren dames en heren’, van links naar rechts poseren Jan, Femke, Wouter, Alexander, Andre, Jan-Peter, Bas, Geert en Rita. ‘O, wacht even, Rita wil niet aan de rand staan ; even ruilen met Geert. Ben je bang dat we dat we je eraf knippen Rita, lacht de fotograaf haar toe? Nors kijkt ze terug, tot het plaatje geschoten wordt en ze snel haar kenmerkende pose inneemt.
Het kan u niet ontgaan zijn, het plaatje is verbreed. Maar betekent de komst van Rita ook dat er nieuwe ideeën hun intrede doen in de politiek? Dat zou natuurlijk het mooist zijn, niet alleen meer partijen –of zo u wil : bewegingen- om op te stemmen, maar ook meer te kiezen. Of wordt het meer van hetzelfde?
Verdonk gaf aan met haar beweging het land in te gaan om zo oplossingen inventariseren voor de problemen in Nederland: files, integratie, veiligheid, ouderenzorg, onderwijs. Volgens Verdonk hebben ‘de gewone mensen’ daar heel praktische ideeën over, ‘veel beter dan wat al die commissies in Den Haag bedenken.’
En dat is nu jammer. Gewone mensen hebben namelijk helemaal niet zo veel ideeën. En als ze ideeën hebben zijn dat meestal oubollige, fantasieloze hersenspinsels die het bij borreltafel beter doen dan in het echt. Hoe ik daarbij kom? Ik schreef er eerder over nadat Financiën de website bezuinigenkunjezelf instelde – met in de jury Gonny van den Oudenallen om bezuinigingstips van gewone burgers te verzamelen. Per saldo honderden inzendingen maar verschrikkelijk veel ondoordachte prietpraat, weinig doordachte, bruikbare voorstellen. En al die inzenders van ideeën komen straks op Rita af.
Daarom ; Help Rita. Er is een alternatief voor de bustour door de provincie. En die oplossing is ; Ayaan Hirsi Ali achterna.
In Amerikaanse denktanks wordt namelijk wel een politieke en budgettaire agenda ontworpen die ertoe doet. Met schijnbare borrelhap wordt daar net zo lang gekokkereld, gestudeerd, geëxperimenteerd en geproefd, tot er haute cuisine ontstaat.. Niet per se licht verteerbaar, maar wel door mee- en tegenstanders erkend als serieuze alternatieven voor bestaand beleid. Ayaan en met haar tientallen denkers per instituut, honderden directe medewerkers totaal en daaromheen duizenden academici en insiders debatteren voortdurend over de toekomstagenda van het land. Tienduizenden steunen de denktanks met giften, miljoenendotaties en klein geld. Maar tezamen zorgen ze voor levend debat met goed onderbouwde en controleerbare voorstellen.
Niet alleen Ayaans conservatieve Heritage Foundation maar ook het libertaire Cato-Institue of het meer op Democraten georiënteerde Brookings Institute zetten de toon. Soms lopen ze voor de muziek uit en worden hun voorstellen nog terzijde gezet. Opvallend vaak echter volgt een jaar na hun eerst controversiële publicatie over bijvoorbeeld landbouwsubsidies, tolheffing op wegen of individualisering van pensioenen een overheidsstudie, weer een jaar of wat later een voorzichtig voorstel en nog een president later is het door de denktank gelanceerde voorstel staand beleid geworden.
Zo kan het ook. Dus niet het land Rita in maar de boeken in, achter Ayaan aan.
Een overzicht van publicaties als onderzoeker aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Wil je reageren ? bestebreur@fsw.eur.nl of #bestebreur op Twitter
woensdag, oktober 24, 2007
woensdag, oktober 10, 2007
Sweetie Sranan
Column verschijnt in tijdschrift BinnenBereik, oktober 2007
Conflicten met de overheid. Het komt over ter wereld voor. Maar conflicthantering verschilt behoorlijk.Zo blokkeerden laatst leden van het junglecommando – u weet wel, van die Binnenlandse Oorlog in Suriname twintig jaar geleden - de Surinaamse oost-westverbinding. Hiermee wilden ze afdwingen dat de in 1992 gemaakte vredesafspraken werden nagekomen. De krant berichtte: ‘De ex-commando’s besloten pas over te gaan tot opheffing van de actie toen ze vernamen dat spoedig enkele van hen in overheidsdienst komen.’
Werken voor de overheid, daar moet je in Suriname zo nodig een conflict voor aangaan. Maar het resultaat telt hier: de baan van je leven of een baan voor het leven.
De Surinaamse overheid is sowieso een verhaal apart. Het eerste dat opvalt is het enorme aantal ambtenaren. De helft van de beroepsbevolking is in dienst van de overheid. En in het jaar voor de verkiezingen komen er gerust nog een paar extra ambtenaren bij. Heuse bureaucraten zitten ertussen, althans volgens de verhalen. Zelf hebben we daar nog weinig van gemerkt.
Erg veel betaald krijgen de Surinaamse ambtenaren niet: rondkomen van een gewoon ambtelijk salaris is onmogelijk. Per gezin moeten doorgaans beide ouders werken. En met een niet afbetaald huis of kinderen die doorleren blijft het sappelen. Vaak moet er nog een inkomstenbron bij: nachtportier, taxichauffeur of wat dan ook.
Een tweede baan mag niet in diensttijd. Formeel dan. De minister stelt dat ‘spoken’, de prikklok om zeven uur gebruiken en wegwezen, verboden is. Nevenwerkzaamheden zijn echter wel royaal toegestaan. En, aldus de minister, ‘veldarbeiders die hun taak in vijf in plaats van acht uur kunnen afronden, mogen naar huis’. Kijk, dat is nog eens een moderne werkgever!
Al met al overheerst een positief beeld bij de ambtenaren. De overheidsdienaren zijn meestal gemotiveerd. Maar hun hulpmiddelen zijn erg beperkt. Ze snakken naar professionalisering van hun vak, contacten en kennis om zo het land te dienen waar ze trots op zijn: sweetie Sranan - mooi Suriname.
Conflicten met de overheid. Het komt over ter wereld voor. Maar conflicthantering verschilt behoorlijk.Zo blokkeerden laatst leden van het junglecommando – u weet wel, van die Binnenlandse Oorlog in Suriname twintig jaar geleden - de Surinaamse oost-westverbinding. Hiermee wilden ze afdwingen dat de in 1992 gemaakte vredesafspraken werden nagekomen. De krant berichtte: ‘De ex-commando’s besloten pas over te gaan tot opheffing van de actie toen ze vernamen dat spoedig enkele van hen in overheidsdienst komen.’
Werken voor de overheid, daar moet je in Suriname zo nodig een conflict voor aangaan. Maar het resultaat telt hier: de baan van je leven of een baan voor het leven.
De Surinaamse overheid is sowieso een verhaal apart. Het eerste dat opvalt is het enorme aantal ambtenaren. De helft van de beroepsbevolking is in dienst van de overheid. En in het jaar voor de verkiezingen komen er gerust nog een paar extra ambtenaren bij. Heuse bureaucraten zitten ertussen, althans volgens de verhalen. Zelf hebben we daar nog weinig van gemerkt.
Erg veel betaald krijgen de Surinaamse ambtenaren niet: rondkomen van een gewoon ambtelijk salaris is onmogelijk. Per gezin moeten doorgaans beide ouders werken. En met een niet afbetaald huis of kinderen die doorleren blijft het sappelen. Vaak moet er nog een inkomstenbron bij: nachtportier, taxichauffeur of wat dan ook.
Een tweede baan mag niet in diensttijd. Formeel dan. De minister stelt dat ‘spoken’, de prikklok om zeven uur gebruiken en wegwezen, verboden is. Nevenwerkzaamheden zijn echter wel royaal toegestaan. En, aldus de minister, ‘veldarbeiders die hun taak in vijf in plaats van acht uur kunnen afronden, mogen naar huis’. Kijk, dat is nog eens een moderne werkgever!
Al met al overheerst een positief beeld bij de ambtenaren. De overheidsdienaren zijn meestal gemotiveerd. Maar hun hulpmiddelen zijn erg beperkt. Ze snakken naar professionalisering van hun vak, contacten en kennis om zo het land te dienen waar ze trots op zijn: sweetie Sranan - mooi Suriname.
woensdag, oktober 03, 2007
Kunnen we het maken?
Column Binnnelands Bestuur dd 12 oktober 2007
De eerste teksthoofdstukken van de Miljoenennota bevatten knappe analyses over economie en arbeidsmarkt. Het is jammer dat die analyses niet altijd in de beleidsplannen en begrotingscijfers van de hoofdstukken erna worden doorvertaald.
Dit jaar wordt een analyse gemaakt van de komende vergrijzingproblematiek en de mogelijke oplossing ervan. De vergrijzing heeft een tweeledig gevolg. Enerzijds voor de overheidsfinanciën, kunnen we de toenemende zorg- en pensioenkosten wel dragen? Maar anderzijds ook van de arbeidsmarkt waar het in de woorden van Wouter Bos door een toenemende personeelsschaarste ‘spannend zal worden’.
Houdt Nederland voldoende productiepersoneel? Met een grappende voetnoot naar : Bob de Bouwer, 2002, Bob loopt hard, wordt in de Miljoenennota de serieuze vraag gesteld : Kunnen we het maken? De kindertjes Bos worden blijkbaar voorgelezen.
Maar, hoe die serieuze krapte op de arbeidsmarkt op te lossen? Immigratie? Dat kan, maar zelfs honderd jaar lang tienduizend gekwalificeerde mensen toelaten levert slechts een miljoen extra werkenden op.
Goederen of zelfs diensten importeren? Dat zal zeker gebeuren en in China, India en elders kunnen ze heel veel produceren maar veel diensten moeten echt hier geleverd worden. Handen aan het bed, de juf voor de klas, dijkbewaking en openbare ordehandhaving, liever niet per camera door een Chinees.
Daarom ziet Bos een derde oplossing; een doelmatiger werkende private en collectieve sector moet helpen om krapte op de arbeidsmarkt te voorkomen.
Productiviteitsverhoging in de publieke sector verlaagt de kosten en speelt personeel vrij in de krapper wordende arbeidsmarkt. Dat is dan ook de rechtvaardiging van Bos voor de taakstelling Rijksoverheid waardoor 11 duizend ambtenaren de arbeidsmarkt op mogen en wat ook nog eens een bezuiniging van 630 miljoen euro oplevert.
Toch ontbreekt in de beleids- en begrotingsplannen nog een element ; hoe ga je de productiviteit in de publieke sector nu verhogen waar eerder voor gepleit wordt? Uitwerking van het goede idee te komen tot productiviteitsverhoging, ontbreekt in de begrotingsplannen. Alleen de ingeboekte bedragen worden daar gepresenteerd. En dat is een serieus gemis.
De opdracht 630 mljoen te besparen is een zware opgave voor de leiding op de departementen. Kostbare tijd zal opgaan aan plannenmakerij, reorganisaties en overleg met de medezeggenschap. Tijd die niet beschikbaar komt om echt na te denken over productiviteitsverbetering. Hoe de komende tien jaar 25% kosten besparen met behoud van productie en kwaliteit? Welke taken digitaliseren, wat uitbesteden, wat rationaliseren? Waar taken afstoten, overdragen of juist nieuwe erbij gaan doen en zo de productiviteit vergroten door schaalvoordelen of ketenintegratie?
Daarom is in Nederland dringend een investeringsfonds voor de publieke dienst nodig. Geef zoals de Britten in hun ‘Investment to Save Budget’ de leiding van departementen de kans plannen te maken om met gerichte investeringen de productiviteit te verhogen. Gewoon, leningen van vier, zes of tien jaar die worden terugverdiend en terugbetaald, met rente. Concreet betekent dit dat het plafond voor leningen van de ruim veertig agentschappen, dat nu de komende vijf jaar krimt van ruim een miljard tot maar 750 miljoen, stevig omhoog moet. Daar ligt de sleutel tot productiviteitsverhoging.
Moest Bob de Bouwer niet ook eerst investeren voordat Liftie, Scud en Rollie aan de slag gingen?
De eerste teksthoofdstukken van de Miljoenennota bevatten knappe analyses over economie en arbeidsmarkt. Het is jammer dat die analyses niet altijd in de beleidsplannen en begrotingscijfers van de hoofdstukken erna worden doorvertaald.
Dit jaar wordt een analyse gemaakt van de komende vergrijzingproblematiek en de mogelijke oplossing ervan. De vergrijzing heeft een tweeledig gevolg. Enerzijds voor de overheidsfinanciën, kunnen we de toenemende zorg- en pensioenkosten wel dragen? Maar anderzijds ook van de arbeidsmarkt waar het in de woorden van Wouter Bos door een toenemende personeelsschaarste ‘spannend zal worden’.
Houdt Nederland voldoende productiepersoneel? Met een grappende voetnoot naar : Bob de Bouwer, 2002, Bob loopt hard, wordt in de Miljoenennota de serieuze vraag gesteld : Kunnen we het maken? De kindertjes Bos worden blijkbaar voorgelezen.
Maar, hoe die serieuze krapte op de arbeidsmarkt op te lossen? Immigratie? Dat kan, maar zelfs honderd jaar lang tienduizend gekwalificeerde mensen toelaten levert slechts een miljoen extra werkenden op.
Goederen of zelfs diensten importeren? Dat zal zeker gebeuren en in China, India en elders kunnen ze heel veel produceren maar veel diensten moeten echt hier geleverd worden. Handen aan het bed, de juf voor de klas, dijkbewaking en openbare ordehandhaving, liever niet per camera door een Chinees.
Daarom ziet Bos een derde oplossing; een doelmatiger werkende private en collectieve sector moet helpen om krapte op de arbeidsmarkt te voorkomen.
Productiviteitsverhoging in de publieke sector verlaagt de kosten en speelt personeel vrij in de krapper wordende arbeidsmarkt. Dat is dan ook de rechtvaardiging van Bos voor de taakstelling Rijksoverheid waardoor 11 duizend ambtenaren de arbeidsmarkt op mogen en wat ook nog eens een bezuiniging van 630 miljoen euro oplevert.
Toch ontbreekt in de beleids- en begrotingsplannen nog een element ; hoe ga je de productiviteit in de publieke sector nu verhogen waar eerder voor gepleit wordt? Uitwerking van het goede idee te komen tot productiviteitsverhoging, ontbreekt in de begrotingsplannen. Alleen de ingeboekte bedragen worden daar gepresenteerd. En dat is een serieus gemis.
De opdracht 630 mljoen te besparen is een zware opgave voor de leiding op de departementen. Kostbare tijd zal opgaan aan plannenmakerij, reorganisaties en overleg met de medezeggenschap. Tijd die niet beschikbaar komt om echt na te denken over productiviteitsverbetering. Hoe de komende tien jaar 25% kosten besparen met behoud van productie en kwaliteit? Welke taken digitaliseren, wat uitbesteden, wat rationaliseren? Waar taken afstoten, overdragen of juist nieuwe erbij gaan doen en zo de productiviteit vergroten door schaalvoordelen of ketenintegratie?
Daarom is in Nederland dringend een investeringsfonds voor de publieke dienst nodig. Geef zoals de Britten in hun ‘Investment to Save Budget’ de leiding van departementen de kans plannen te maken om met gerichte investeringen de productiviteit te verhogen. Gewoon, leningen van vier, zes of tien jaar die worden terugverdiend en terugbetaald, met rente. Concreet betekent dit dat het plafond voor leningen van de ruim veertig agentschappen, dat nu de komende vijf jaar krimt van ruim een miljard tot maar 750 miljoen, stevig omhoog moet. Daar ligt de sleutel tot productiviteitsverhoging.
Moest Bob de Bouwer niet ook eerst investeren voordat Liftie, Scud en Rollie aan de slag gingen?
Abonneren op:
Posts (Atom)