maandag, juni 30, 2008

Zijn financials hun geld waard?

Column Binnenlands Bestuur dd 4 juli 2008

Vakbladen voor afstudeerders of ‘young professionals’ melden al jaren lang dat er schaarste is aan financiële professionals, zowel in het bedrijfsleven als bij overheid. Die schaarste heeft er inmiddels toe geleid dat relatief hoge salarissen en bonussen worden betaald aan startende of ervaren financials, zonder dat die zich echter professioneel sterk hoeven te ontwikkelen. Dat vraagt om actie.
November en juni zijn de maanden waarin beslissingen worden genomen door ambitieuze ambtenaren of ze deel gaan nemen aan vervolgopleidingen bij instituten en universiteiten. Altijd een spannende tijd voor opleidingmanagers, komen er voldoende goede kandidaten? Inmiddels kunnen geïnteresseerde kandidaten kiezen uit een groeiend aantal puike opleidingen, waar financiële allrounders worden opgeleid tot professionals, bijvoorbeeld public controller of andere soortgelijke kwalificaties op masterniveau. Ondanks het succes van deze opleidingen is het opmerkelijk hoe weinig mensen per saldo deelnemen aan financiële master- of voortgezette vakopleidingen. Zeker wanneer dit wordt vergeleken met de sterk gegroeide grootte van de financiële functie bij de overheid.
De reden is eenvoudig. De schaarste aan financials is zo groot, dat ook zonder veel vervolgopleidingen een mooie carrière in het verschiet ligt voor de meest startende financials bij de overheid.
Econoom hoeft een startende financial allang niet meer te zijn, werkgevers zijn vaak al blij met bestuurskundigen of andere breed opgeleide academici die een enkel financieel vak gevolgd hebben. Eenmaal aangenomen zijn er voor starters vaak goed georganiseerde initiële opleidingen, zoals bij de Rijksacademie van het ministerie van Financiën. ‘Wat zijn de bevoegdheden van de Rekenkamer, hoe verloopt het begrotingsproces en hoe werkt een baten-lastenstelsel’, kortom het financieel a-b-c krijgt men aangeleerd.
Maar daarna rollen financials vrijwel als vanzelf door de ambtelijke rangen heen. Regelmatige promoties liggen voor de meeste financials om de twee tot drie jaar in het verschiet, doorgaans sneller dan in beleidsfuncties. Maar vreemd genoeg, echt inhoudelijke eisen aan hun professionele kwalificaties worden nauwelijks gesteld. De enige eis die bijvoorbeeld bij de rijksoverheid aan financieel directeuren wordt gesteld is dat het ministerie van Financiën instemt met de benoeming. Niet dat ze een passende opleiding hebben, relevante werkervaring is opgedaan of een financieel-economische graad is behaald. Ook aan zittende financials worden geen professionaliteiteisen gesteld. Moeten accountants en bijvoorbeeld advocaten jaarlijks verplicht veertig of meer uren aan vakopleidingen besteden, zulke eisen bestaan niet voor financials.
Misschien is het daarom ook geen wonder dat universitaire opleidingen openbare financiën vrijwel zijn verdwenen, er geen drie behoorlijke financiële tijdschriften meer zijn en bestaande masteropleidingen zoals aan de Erasmus Universiteit en de VU weliswaar worden geprezen, maar slechts een zeer beperkt bereik hebben.
Het is tijd voor verandering.
Aan financiële professionals mogen hogere eisen worden gesteld dan nu, anders worden ze lui en dom. Net als andere professionele beroepsgroepen zouden financiële medewerkers passende startkwalificaties moeten bezitten of behalen en jaarlijkse hun kennis verversen en verdiepen. Zodat ze hun hoge salaris niet alleen hebben te danken aan schaarste.

woensdag, juni 25, 2008

Wie heeft er tegenwoordig nog iets met boeken?

Recensie Binnenberijk juli 2008
Mijn brievenbus raakte nou niet bepaald verstopt met felicitaties toen ik werd benoemd tot boekrecensent van BinnenbeRijk. Boeken, wie heeft daar immers nog wat mee?

Onderzoek leert dat ook hoger opgeleiden - na de verplichte nummers op de middelbare school en later op hbo en universiteit - weinig meer lezen. Typische boekkopers en lezers zouden vrouwen van boven de veertig zijn geworden. Abonneebestanden van kranten vergrijzen en NRC maakt bijvoorbeeld NRCNext om een nieuwe generatie krantenlezers te bereiken en binden. De gratis bladen mogen gerust het succesnummer van de laatste jaren worden genoemd. Denk maar eens aan kranten als Metro, Spits, De Pers en DAG. Maar ook voor professionals zijn er gratis bladen. Vaak zijn ze nog best goed ook. Ze vormen bovendien een laagdrempelige manier om het eigen vakgebied bij te houden en gevoel te houden voor de bestuurlijke context van het werk. En dat nog eens gratis ook, in een paar kwartier per week.

Favorieten
Mijn favorieten onder de gratis bladen voor professionals zijn Intermediair en Binnenlands Bestuur, maar nieuwe bladen als Re-public en PM Den Haag zijn ook het noemen waard.
Intermediair blijft een knappe mengeling van Elsevier en de wetenschapsbijlage van de Volkskrant: goede columnisten, soms een beetje gesundes Volksempfinden en breedte en diepgang in de wetenschapsverhalen. Mooi meegenomen is natuurlijk dat de publieke sector - een belangrijke bron van advertentie-inkomsten - steeds beter wordt belicht. Menige overheidsorganisatie beoogt inmiddels in het linkerrijtje van de Intermediair te komen als meest geliefde (publiek) werkgever. Enne… gratis via www.intermediar.nl!
Weekblad Binnenlands Bestuur is hét venster op de trends en thema’s van gemeente en provincie. Het blad kan zich kwalitatief meten met de katernen van de grote kranten. Maar omdat de grote kranten nu eenmaal geen publieke sector-bijlage hebben of alleen rijksbeleid coveren blijft Binnenlands Bestuur haar eigen plaats houden. Enne… gratis via www.binnenlandsbestuur.nl!

Kracht en zwakte
Tweewekelijks magazine PM Den Haag heeft als kracht en zwakte dat vooral Den Haag wordt belicht. Deels met een light touch met foto’s van borrels en symposia, maar ook met handige signaleringen van opkomende parlementaire activiteiten. Urgent nieuws brengt het blad niet vaak, maar de interviews met topambtenaren - die in de kranten bijna altijd door ministers worden verdrongen - vergoeden veel. Enne… gratis als je departementale baas het voor je koopt! Zie www.pm.nl.
Re-public ten slotte is een recente poging om jonge ambtenbaren aan het lezen te krijgen en zo adverteerders te vinden. Net nieuw, nog een beetje zoekend naar een eigen vorm, maar de moeite van het proberen waard. Zie www.rePublic.nl.

Tot slot: gratis bladen worden gelezen. U doet het nu tenslotte ook zelf...

maandag, juni 16, 2008

Voor de gek

Column Binnenlands bestuur dd 20 juni 2008

Er drong maar weinig voetbal door in het zaaltje vol budgetexperts die de universiteit Leiden vorige week naar Den Haag haalde. Uit tien landen, van Nieuw-Zeeland tot Spanje en van Amerika tot Australië deelden praktijkmensen en academici hoe de budgettaire praktijken zich in hun land ontwikkelden. Over begroten in Italië onder Berlusconi, de verwachtingen van Obama en Nederland na Zalm. Ook successen en mislukkingen werden besproken van ooit veelbelovende vernieuwingen als de prestatiebegroting en het baten-lastenstelsel. Over retoriek en realiteit van ‘de bedrijfsmatige overheid’ dat nu bijna overal wordt beschouwd als het grote idee van gisteren.
Er was veel wederzijdse herkenning. Bijvoorbeeld hoe steeds meer landen budgettaire overschotten weten te bereiken. Maar, viel velen ook op, overschotten waar men niet altijd goed mee om weet te gaan. En die daarom soms snel verdwijnen door ‘leuke dingen voor de mensen in de vorm van belastingverlagingen, of miljardenbedragen die worden verstopt in fondsen binnen en buiten begrotingsverband.
Maar de meeste discussie ging over de wijze waarop landen mooie budgettaire cijfers weten te schrijven. Natuurlijk, de gestegen grondstofprijzen voor olie en gas geven veel landen een steuntje in de rug, alsook de lagere rente in de laatste jaren. Maar uit bijna alle hoeken klonk ook het verhaal van het bewust laag ramen van ontvangsten, die dan in de uitvoering leiden tot mooie meevallers.
Strategisch ramen, het is een abc-tje voor insiders en komt blijkbaar wereldwijd voor. Bewust uitgaven laag ramen om een voorstel geaccepteerd te krijgen, of juist wat hoger zodat er een buffer is bij tegenvallers. Maar de meeste aandacht ging uit naar de tactiek van schatkistbewakers om economische ramingen lager voor te stellen dan reëel, waardoor in de praktijk de schatkist vaak gespekt wordt. Door hoger dan geraamde belastingontvangsten, verkoopopbrengsten van olie of gas of andere eigenlijk al voorziene meevallers. Maar zonder dat op uitgavenbeluste vakministers of het parlement nog aan het geld kan komen.
Erg prikkelend is het dan dat vanuit sommige landen wel luidkeelse protesten klinken over zulke strategische ramingpraktijken. Dat zijn vaak landen waar een sterk parlement, ondersteund door een sterke deskundige financiële staf, de begroting controleert of in hoge mate zelf opstelt en bepaalt. Vanuit die landen wordt dit bewust te lage ramen als absoluut ongewenst beschouwt. ‘Budgets are moral document’ wordt wel gezegd, ze reflecteren de waarden van een samenleving, laten zien waar echt de prioriteit ligt. Dat geldt natuurlijk ook voor de wijze van ramen.
Dit debat kennen we nu ook weer in Nederland. Rutte verwijt Bos dan hij het begrotingsbeleid van Zalm niet voortzet. Onder Zalms bewind werden economische ramingen bewust te laag ingeboekt. Bos kiest voor realistische groeiramingen. Maar dat realistische ramen verkleint de kans op meevallers, aldus Rutte. Dat is helemaal waar. Maar zou het parlement uiteindelijk niet beter af zijn met de meest realistische ramingen dan met een gemanipuleerde cijferbrij? Een sterk parlement zou geen andere ramingen moeten willen accepteren dan de meest realistische. Met minder zou geen gemeenteraad, Staten of Kamer genoegen moeten nemen.

zondag, juni 01, 2008

Als drie heren oreren ..

Column Binnenlands Bestuur dd 6 juni 2007
Het wil nog niet erg vlotten met het aanstellen van vrouwelijke hoogleraren in Nederland. Ook op het terrein van overheidsbeleid en –financiën was het recent weer de beurt aan drie heren die hun oraties uitspraken. Vrolijk stemmen de oraties niet, als het gaat om de prestaties van de overheid. Bas Jacobs vindt het welvaartsverlies van alle goedbedoelde nivelleringsmaatregelen veel te hoog. Goos Minderman, die eerder in zijn dissertatie een appél deed aan het parlement meer werk te maken van zijn budgetrecht, verlegt zijn aandacht naar maatschappelijke ondernemingen. En evaluatie-expert Frans Leeuw zet uiteen dat veel overheidsinterventies zo krachteloos zijn, dat ze veeleer gerekend moeten tot de categorie ‘beleidshomeopathie’ dan als werkzame bestanddelen. Is er nog hoop of wordt het wachten tot Rita de bezem door de overheid haalt?
Leeuw in Maastricht presenteert duizelingwekkende getallen omtrent overheidsingrepen. Nederland kent welgeteld 10.000 wetten, Amvb’s en ministeriële regelingen en dat aantal groeit jaarlijks ruim twee procent. En er zijn buiten het rijk om nog eens tweeënhalf duizend rechtspersonen met een wettelijke taak plus honderden stichtingen. Marktmeesters en toezichthouders leggen jaarlijks -tezamen met de gehele strafrechtsketen- zo’n 400.000 bestuursrechtelijke- en 500.000 strafrechtelijke maatregelen op. Dan wordt via ruim 500 subsidiemaatregelen zo’n 80 miljard besteed. En dan is er nog pseudo-wetgeving, rechtersrecht en meer. Het is veel maar : werkt het? Veel te weinig, meent Leeuw, doordat er in ‘beleidssilo’s’ wordt gewerkt en bij beleidsontwerp en subsidieverstrekking weinig nota wordt genomen van het groeiende inzicht over menselijk gedrag uit de psychologie, sociologie en andere kennisgebieden. Weinige overheidsinterventies werken aantoonbaar, daaromheen klungelen we met de beste intenties maar wat aan.
Jacobs in Rotterdam legt bloot dat in het streven gelijkheid te bevorderen de ‘prijs’ in de zin van welvaartsverlies van dit herverdelen van één euro oploopt tot gemiddeld 15%. Dit, betoogt Jacobs in lijn met Leeuw, omdat burgers hun gedrag veranderen als gevolg van de progressie of structuur van belastingen en premies. Gevolg is dat velen niet meer extra willen werken of zelfs geen baan accepteren. De marginale kosten van herverdeling van de laatste euro kunnen soms wel 50% zijn, sombert Jacobs.
Toch wordt het bij hem, noch bij Leeuw, een ‘weg met de overheid’-verhaal. Links en rechts berijden stokpaarden die hij beide bestrijdt. Zelf denkt hij wel een derde van de totale welvaartsverliezen te kunnen beperken door de onnodig gunstige behandeling van woningbezit (hypotheekrente) en pensioenopbouw te beëindigen en in ruil daarvoor de belastingen te verlagen. Deze kunnen dan tien (TIEN !) procentpunten omlaag en een welvaartswinst van 2,5% lonkt.
Minderman in Amsterdam betoogt dat de door Leeuw geturfde duizenden middenveldorganisaties transparanter moeten worden aan alle belanghebbenden. Niet alleen aan de overheid maar aan de breedte van de samenleving. Maatschappelijk verantwoord ondernemen kortom, door zowel de spelregels van het private als het publieke domein te respecteren. Een aparte rechtsvorm, de maatschappelijke onderneming is daarvoor niet per se nodig, een betere legitimatie wel.
Boeiende kost. De een zal in de drie oraties zijn gelijk vinden dat de overheid er weinig van bakt, de ander dat er perspectief is op beter.