Column Binnenlands Bestuur dd 3 oktober 2008
‘I am sorry’, luidde het afscheidsbriefje 121/2 jaar geleden van Nick Leeson toen hij spoorslags verdween en de Baringsbank naar de afgrond voerde. In de film Rogue Trader wordt zijn verhaal naverteld. ‘De ambitie van één man leidde tot een van de grootste financiële catastrofes in de geschiedenis’, volgens de filmtrailer. Maar dat was 1999 en werd één bank getroffen, nu in 2008 gaat het om veel meer. Hoewel, misschien is Leeson wel de bekendste maar zeker niet de grootste mislukkeling. Hij staat slechts negende op de lijst van opmakers. Acht anderen verbrandden meer geld van hun bazen en klanten.
Voorlopig wordt de top-30 van voor deze barre financiële herfst aangevoerd door de Fransman Jerome Kerviel die begin dit jaar bijna vijf miljard euro liet verdampen van zijn Franse werkgever Societe Generale. Maar misschien heeft u niet eerder gehoord van de nummer twee, de Canadese wiskundige Brian Hunter die als twintiger al bijna 50 miljoen in twee jaar verdiende voor zijn eerste werkgever maar daarna in 2006 bijna vijf miljard verspeelde met speculaties op energietransacties.
Nee, Leeson die minder dan een miljard euro verspeelde is in dit rijtje van louter heren een kleine jongen.
Verder valt op dat in de top dertig van schandalen acht Europese voorvallen staan en ook dat tweederde van de schandalen in de laatste tien jaren plaatsvond. Slechts drie van de top dertig schandalen betroffen aandelen, het overgrote deel derivaten, waar met een kleinere inleg een veel hogere winst (of verlies) mogelijk is. Kortom, grandioze mislukte beleggingen komen wereldwijd voor, hebben aan omvang gewonnen door de derivatenhandel en worden veroorzaakt door overijverige mannen en tekortschietende risicobeheersingsmaatregelen.
Al ruim een decennium geleden is hiervoor een hele beroepsgroep ontstaan die ‘het management van de organisatie ondersteunt met risicoanalyses en aanbevelingen doen over de te volgen strategie voor de beheersing van risico’s’. Ze verkopen hun professie met slogans als ‘de snelste auto’s hebben de beste remmen nodig’. Schandalen zoals veroorzaakt door Nick Leeson, de boekhoudschandalen bij Enron en Ahold en de mislukte beleggingen van de provincie Zuid-Holland en elders, alles wordt gebruikt als argument voor meer en beter risicomanagement.
Toch zit misschien de opkomst van risicomanagers wel de kiem van veel ook recente mislukkingen in de financiële wereld. Alle ‘business control risc advisors’ binnen banken, auditfirma’s en publieke toezichthouders tezamen hebben er niet voor kunnen zorgen dat najaar 2008 blijkt dat veel banken en verzekeraars door risico-onderschatting rijp zijn voor de sloop. Goedbedoelende adviseurs hebben het topmanagement in slaap gesust met hun onnavolgbare sommen en spreadsheets en zo roekeloze beleggingen gelegitimeerd. Of ze hebben er in hun modellen te weinig rekening mee gehouden dat de top gevoeliger is voor de verlokkingen van eigen gewin door risicovol gedrag, dan voor de lange termijn stabiliteit van de onderneming. In beide gevallen is er reden voor herbezinning op de bijdrage van risicoadviseurs in de financiële wereld.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten