Analyse voor Binnenlands Bestuur 24 oktober 2008
Vorige en deze week is het idee geopperd medeoverheden te verplichten banktegoeden te parkeren bij het ministerie van Financiën. Dit zou een verdere uitbreiding van de machtsbasis van Financiën betekenen, die toch al snel groeit. Zie ook de geslaagde aanpak van topsalarissen in de publieke, semi-publieke en nu zelfs private sector. In tien jaar tijd is de invloed van Financiën fors gegroeid, een trend die is overgewaaid uit landen als Canada en het Verenigd Koninkrijk. Daar is de zittende minister van Financiën steeds vaker de kroonprins en opvolger van de premier, iets wat tien jaar geleden ook Kok lukte en straks misschien Bos.
Het opnieuw opbouwen van haar machtsbasis was nodig omdat Financiën eerder, vooral in de jaren zeventig en tachtig vaak geen toereikende positie had in de beheersing van de overheidsuitgaven. Vijfentwintig jaar geleden had Nederland zelfs even een financieringstekort van 10% op de rijksbegroting. De regie die met toen kwijt was is gaandeweg op veel terreinen terugveroverd. De financiële crises helpt weer een stukje. Dit keer ten opzichte van medeoverheden.
De achterliggende decennia zijn door Financiën eerst gebruikt om budgettair orde op zaken te stellen binnen de rijksoverheid. Onbeheersbare uitgavenregelingen werden dichtgeschroeid en afspraken over reductie van het financieringstekort werden steeds strikter vastgelegd in regeeraccoorden. De Europese besluitvorming rond het Stabiliteitspact gaven Financiën een sterke binnenlandse positie bij het vaststellen van steeds striktere budgettaire mores. De in steen gebeitelde regels budgetdiscipline, politieke afspraken binnen het kabinet om uitgavenproblemen snel en zelf op te lossen doen de rest, zelfs ons parlement bindt zich er vrijwillig aan.
Ook het in de jaren negentig geboekte terreinverlies ten opzichte van zelfstandige bestuursorganen is bijna geheel gecompenseerd. Immers, Financiën zag met lede ogen aan dat daar topsalarissen werden betaald en grote hoeveelheden geld omgaan, die vrijwel buiten haar bereik bleven. Dat is inmiddels goedgemaakt door salarismaximering en de invoering van het zogenaamd schatkistbankieren, wat medeoverheden nu mogelijk ook te wachten staat.
Schatkistbankieren is drie keer winst voor Financiën. Hoe werkt het?
Om te voorkomen dat zelfstandige bestuursorganen en bijvoorbeeld politiekorpsen liquide middelen risicovol beleggen, danwel leningen verstrekken aan niet solvabele partijen (of sparen bij niet solide banken) moeten zij bij wet alle liquide middelen verplicht stallen bij Financiën. Daar kan er immers niets mis mee gaan, Financiën is ‘triple A met een plusje’. Maximale zekerheid voor de belastingbetaler is de redenering. Ten tweede ‘profiteert’ de rijksbelastingbetaler omdat de rente die door Financiën wordt vergoedt aan de sparende rekeninghouder minder is dan Financiën op de geldmarkt kwijt zou zijn als ze daar geld moest lenen. Dat is goed voor de rijksbelastingbetaler. Ten derde houdt Financiën door schatkistbankieren tot op dagbasis zicht op de ontvangsten, uitgaven en saldi van rekeninghouders. Zou in enig jaar in december de 3%-grenswaarde voor het EMU-saldo in zicht komen, waarvoor saldi van rijks, medeoverheden en zelfstandige bestuursorganen immers meetellen, dan kan Financiën razendsnel haar overredingskracht aanwenden en alle partijen bewegen uitgaven op te schorten of te verplaatsen tot na de jaarwisseling.
De aanleiding voor de invoering van schatkistbankieren was destijds het mislukte Ceteco-avontuur van Zuid-Holland. Die kleine crisis verzilverde Financiën met snelle regelgeving voor zbo’s en de wet Financiering decentrale overheden. Nu is een verdergaande stap denkbaar geworden waarbij ook gemeenten en provincies verplicht zijn om te gaan schatkistbankieren.
Daar is vanuit hun perspectief veel tegenin te brengen maar schatkistbankieren is drie keer winst voor Financiën en die lijkt aan de winnende hand. Bos beschermt met schatkistbankieren het geld van provincie- en gemeentebesturen. Hij financiert zijn eigen nog steeds bestaande geldbehoefte voordelig. En ziet tot slot iedere stuiver van medeoverheden passeren, wat zonodig interveniëren vergemakkelijkt. Als dergelijke wetgeving erdoor komt, is dat uit beleidswetenschappelijk oogpunt een mooi staaltje geslaagd crisismanagement.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten