vrijdag, december 26, 2008

Op naar de tussenbalans

Column Binnenlands Bestuur dd 26 december 2008

Het wordt spannend. Of is het eind 2008 te vroeg om over het komende hete budgettaire voorjaar te beginnen? Nee, denk ik.
Terwijl hier en daar nog de jaarafsluiting 2008 moet gaan plaatsvinden, is er alle reden nu al vooruit te kijken naar het cruciale jaar kabinetsjaar 2010. Dan immers moet het kabinet scoren, zodat voorjaar 2011 bij de verkiezingen mooie beleidsresultaten en een gezonde overheidsboekhouding aan de burgers kan worden voorgelegd. In 2010 wordt ook bepaald of de sociaal-christelijke coalitie toekomst heeft, of dat het tijd wordt om van partner te ruilen. En de besluitvorming daarover vindt dit voorjaar plaats. Wie gaat er dan scoren, wie delft het onderspit?

De start van het kabinet, in 2007 was natuurlijk maar een halve start. Veel beleid was bedacht door eerdere kabinetten, nieuw beleid stond nog in de startblokken. En die gaan bij de overheid nu eenmaal maar langzaam open. Dat 2007 financieel eindigde met zwarte cijfers was meer een toevallig resultaat dat zonder veel sturing bereikt werd, dan de opbrengst van heel bewust handelen. In 2008 moest voor het eerst geleverd worden, hetgeen een eerste scheiding opleverde van bokken en schapen. Ella Vogelaar leverde niet voldoende, de wijkenaanpak kwam weliswaar langzaam maar zeker van de grond maar het kon haar niet mee redden. De bankencrisis ten spijt wordt 2008 budgettair gezien waarschijnlijk nog vrij positief afgesloten. Nuja, dat komt omdat de koop van Fortis en de bankensteun niet via de begroting verliep maar via de balans. De staatschuld is hierdoor wel omhoog geknetterd, van 40% naar ruim 50%, maar daar tegenover staat het bezit van een fijne Hollandse bank die straks weerde in de verkoop kan.
Maar de echte financiële opgave komt in 2009 en 2010. Wat zich dan wreekt is dat het huidige kabinet eigenlijk –anders dan onder Zalm- vrij veel zuur voor zich heeft uitgeschoven. In de aanvankelijke economische topjaren 2007 en 2008 is er relatief weinig omgebogen. De beoogde daling van het EMU-saldo richting een structureel overschot van een procent moet daarom nu worden gerealiseerd door na 2008 flink te knijpen op de departementale bestedingen. Terwijl de crisis zich nu aftekent en de ministers juist willen gaan scoren.
Voorjaar 2009 moet kortom een reuzenommezwaai plaatsvinden. In plaats van economische groei treedt dan de krimp in en gaat de overheid donkerrode cijfers schrijven. Maar terwijl het macro-economisch beroerd zal gaan, zullen vakministers het laatste kansen proberen te grijpen. Cramer voor milieu, Eurlings voor wegenaanleg, Ter Horst voor de politie, Huizinga voor waterveiligheid en Van Middelkoop en De Vries zodat Defensie eindelijk de JSF kan kopen.
De besluitvorming in het voorjaar krijgt na twee jaar regeren en twee jaar voor de verkiezingen voor het kabinet dus het karakter van een heuse, zware tussenbalans. Dat vergt een geëigende aanpak, als men wil overleven. Misschien kan daarom de ronde vergadertafel van Algemene Zaken alvast uit de mottenballen, Beesterzwaag gereserveerd en Wijffels van stal gehaald. Dan maken we hem eind 2009 politicus van het jaar.

vrijdag, december 12, 2008

Op naar de top?

Boekrecensie voor tijdschrift Binnenberijk, december 2008

Eenmaal aan de top hebben weinigen er nog voldoende tijd voor, maar veel wannabees zullen graag boeken lezen over de weg naar de top of over toporganisaties. Ralf Knegtmans en André de Waal schreven er allebei een boek over.
Ralf Knegtmans heeft met ‘Toptalent’ een mooi boek geschreven over de weg naar de top. Een topper worden is een kwestie van aangeboren talent én aangeleerde vaardigheden, zo meent hij. Knegtmans werkt uit hoe talenten en bedrijven hun toptalent verder kunnen kneden. Het is een ordelijk boek, levendig door interviews met toppers. Maar het roept ook de gedachte op hoe het toch mogelijk is dat er nog steeds toppers boven komen drijven, vooral wanneer je de vaak weinig professionele MD-praktijk vergelijkt met de verfijnde theorie van Knegtmans. En anderzijds, hoe het mogelijk is dat we toppers kennen zonder dat ze alle stadia die Knegtmans signaleert, doorlopen hebben.
Minder dan dit boek over toppers kan me een ander nieuw verschenen boek over toporganisaties van André de Waal me bekoren. Stilistisch is ‘Maak van je bedrijf een toporganisatie’ een apart boek. De Waal legt een boek lang de werking van toporganisaties uit door de ogen van ene Peter Mueller en Tanya. Peter is echter niet de gelijknamige schaatscoach, maar een uitleggerig topmantypetjes. Journaliste Tanya haalt het daarnaast niet bij de Bondgirlvoorstelling die haar naam oproept. Zo verzandt een boek - over een onderwerp waarover De Waal ongetwijfeld veel van weet - in langdradige dialogen. Andere publicaties van hem over hetzelfde onderwerp zijn nuttiger kost. En dat is jammer, want wie wil er niet naar de top?
Zelf had ik met een kleine groep uitverkorenen ook ooit het voorrecht deel te mogen nemen aan een TOP-programma. Het was de ongelukkige afkorting van TalentOntwikkelingsProgramma, kortweg TOP. Maar onze omgeving bestempelde ons direct als ‘toppertjes’ of - als we weg waren - tobbertjes. Nu is het met de meeste TOP-deelnemers best goed afgelopen, maar de kwalificatie alleen al zou reden zijn me niet snel meer aan zo’n programma te verbinden. Daarom lezen echte toppers waarschijnlijk geen boek over de top, noch lopen ze met de vraag rond of ze al top zijn. Ze zijn onbewust al bekwaam. Of zou op Obama’s nachtkastje toch…

Waarheen met de financiële sector ?

Boekrecensie The future of Finance, Adjiedj Bakas en Roger Peverelli,
Scriptum Publishers, Schiedam 2008, Binnenlands Bestuur 19 december 2008


Banken zijn te belangrijk om aan de markt over te laten, betoogde CDA-professor Harry Verbon laatst. Het was geen vloeken in de kerk, hoewel je zeg drie maanden geleden nergens gehoor zou hebben gevonden voor zo’n verhaal. Toen echter verscheen echter wel ‘The Future of Finance’, een poging tot duiding van de grote opgaven van de financiële sector.
Arme auteurs. Nadat met bloed zweet en tranen is gezwoegd op een lijvig boek over toekomstige bedreigingen en kansen van financiële instellingen, breekt direct na de laatste deadline de bankencrisis pas echt los. En die had je in deze overweldigende omvang en impact nu net even niet zien aankomen. Hoewel je tientallen bankiers en toezichthouders en marketingdeskundigen hebt geraadpleegd, zat daar geen enkele minister of ambtenaar van Financiën bij, want die speelden schijnbaar geen enkele rol. Geen enkele verwijzing in de literatuurlijst naar een ambtelijk stuk. Geen interview met Wouter Bos of Balkenende over The Future of Finance’. Geen begin van een redenering wat de gevolgen kunnen zijn van de nationalisatie van banken of de andere overheidsinterventies. Wel verkeerde verwachtingen als zouden de staatsfondsen van olielanden en Azië nu hun slag slaan omdat nergens anders vers kapitaal vandaan kan komen. Die verduivelde Bos. Balen, balen, balen.
Eigenlijk is het nog erger. Want je hebt wel degelijk het bekende rijtje van financiële toppers gevraagd welke toekomst zij zien voor de financiële sector. ING-topman Tilmant, DSB-bankier Gerrit Zalm, ING-commissaris Wim Kok, oppertoezichthouder Nout Wellink van de Nederlandse Bank en zoveel anderen. En niemand van hen gaf ook maar enige blijk van een nakende crisis. Laat staan wat ‘the Future of Finance’ is gegeven de wereldwijde crisis bij banken, verzekeraars, pensioenfondsen, beleggers en overheden. Aan de ene kant is dat een schrale troost voor de auteurs, de deskundigen hadden het ook niet zien aankomen. Maar voor toekomstkijker Bakas, een van de beide auteurs, is dat –hoe zullen we het zeggen- vrij pijnlijk. Daar sta je met je megatrends maar je hebt niet gezien dat er een ravijn gaapt tussen vandaag en morgen. Here today, where tomorrow?
Weinig vrolijk stemt het boek ook op de methodologische keuzen om na de uitleg van een viertal scenario’s voor de toekomst van de financiële branche plompverloren te stellen : ‘Wij kiezen voor het eerste scenario’. Dat kan niet waar zijn. Scenario’s zijn beschrijvingen van mogelijke toekomsten. Sommige toekomsten kun je mooi vinden, andere lelijk, maar er is niets te kiezen! Het gaat erom klaar te staan om in ieder van de mogelijke toekomsten te presteren. In een voorbeeld van ex-Shelltopman Jeroen van der Veer. ‘Als de zon schijnt loopt de ijsverkoop, als het regent paraplu’s, maar chocola kun je verkopen bij ieder weertype’. Kiezen voor het scenario ‘een verenigde wereld’, waarin financiële instellingen wereldwijd opereren en risico’s spreiden, is dus methodologisch gezien onzin en veeleer een geloofsuitspraak. Die daarenboven door de actuele gang van zaken sterk gelogenstraft is. Juist het wereldwijd verhandelen van risico’s leidde ertoe dat Hollandse spaarders in Icesave of beleggers in Fortis bijna alle ingelegde gelden verloren omdat die banken fikse belangen bezaten in onduidelijke samengestelde pakketten vol slechte leningen die aan de man waren gebracht door extreem opportunistische geldverstrekkers op het platteland van Amerika.
Wat zijn de vier grote megatrends die ertoe doen volgens Bakan en Peverelli? Ten eerste globalisering en nieuwe toetreders tot de financiële sector, zoals Microsoft.. No surprise. Ten tweede demografie, waardoor nieuwe doelgroepen als zodanig geïdentificeerd moeten worden, bijvoorbeeld islamitisch bankieren. Ten derde een sterker onderling vooral digitaal verbonden wereld, waarin internetbank ING-direct wereldwijd succes kan hebben en snel de derde spaarbank werd in tien jaar tijd, zonder een heel kantorennet te openen. En tot slot een herwaardering van waarden, oog voor integriteit en duurzaamheid.
Het brengt de auteurs tot drie kernopgaven voor de financiële sector. Win de strijd om schaars talent. Innoveer om een concurrentievoordeel te behalen. En houd het simpel. En met hun slotinzicht, ‘ga terug naar de oorsprong, maatschappelijk nut bewerkstelligen’, is eigenlijk best mooi gevonden.
Maar daarnaast zijn er nog een paar andere vragen die om een antwoord vragen. Hoe borgen we het publieke belang van een goed werkende bankensector? Door blijvende overheidsparticipatie, beter toezicht of andere arrangementen? Hoe kunnen spaarders en beleggers weer vertrouwen krijgen in banken, bijvoorbeeld om bestaande banken het vertrouwen van de markt te laten behouden en straks Fortis/ABN na 2011 succesvol naar de beurs te brengen. Hoe kan risicomanagement binnen banken beter worden georganiseerd dan de collectieve blindheid waaraan het nu bijna ten onder is gegaan. Hoe kan prestatiebeloning van bankiers bijdragen aan betere lange termijnprestaties zonder opportunistisch gedrag uit te lokken met alle gevolgen van dien. Best belangrijke, nog onbeantwoorde vragen.

maandag, december 08, 2008

Te veel old boys

Column Binnenlands Bestuur dd 12 december 2008

Zalm is van Bos en Bos is van Zalm. Dat is zorgelijk. Laat het me uitleggen. Na de ingreep bij FortisABN heeft minister van Financiën Wouter Bos Gerrit Zalm als topman benoemd. Die, dat weten we nog, eerder als minister de baas was van Bos toen die nog staatssecretaris was. Na deze benoeming moest Bos Zalms benoeming en salaris verdedigen. Zalm is nu de baas van een bank die geld investeert in projecten, zoals de verbouw van het ministerie van…... U raadt het al, Financiën. Het net opgeleverde –en prachtig verbouwde- ministerie van Financiën is dus opnieuw ook weer van haar oud-minister. Straks, als de architectuurrecensies in de krant zijn verschenen en er weer nieuwe kamervragen opkomen (zo ging dat al tijdens bouw) krijgt ons parlement keurige antwoorden, opgesteld door het koningskoppel Zalm en Bos.

Bos moet nu goed gaan opletten wat bankier Zalm uitvoert. Als het niet goed loopt met de bank, vraagt Zalm Bos immers weer extra geld. Maar als Zalm bijvoorbeeld te terughoudend blijkt in het verstrekken van bedrijfskrediet, moet Bos Zalm weer de les lezen. Tegen 2011, als de bank hopelijk weer in rustig vaarwater is en de verkiezingen naderen, zal scherp gekeken worden hoe de nieuwe bezittingen van de staat renderen. Krimpt de ABN/Fortis combinatie, of is ze veel meer waard geworden dan de aankoopprijs? Dat is van belang voor de bonus van Bos aan Zalm en voor de verkiezingsuitslag van Bos. Die daarvoor dus afhankelijk is van het presteren van Zalm. Helpt de VVD-er Zalm de PvdA-er Bos aan een klinkende uitslag?

Dit samenlopen van functies en functionarissen in die kleine financiële sector is ongelukkig. De uitruil van topmensen tussen Financiën, banken, pensioenfondsen, Nederlandse Bank en Autoriteit Financiële markten (AFM) is namelijk fors maar een oude traditie. De ABN werd lange tijd financieel gerund door een ex-toezichthouder van De Nederlandse Bank Tom de Swaan. Bij de kleine bank NIBC is de voormalig Thesaurier-Generaal Van Dijkhuizen van Financiën financieel verantwoordelijk, zoals zijn vroegere voorganger Cees Maas dat lang bij de ING was, waar ook nog ex-minister van Financiën Kok commissaris is. De AFM wordt geleid door een ex-minister van Financiën Hans Hoogervorst, die nu heel streng moet toezien op onder meer Fortisd/ABN waar zijn partijgenoot en opvolger Gerrit Zalm bestuurt. Grootbelegger APG die een sleutelrol kan (gaan) spelen bij de opkomst en ondergang van bedrijven en banken wordt bestuurd door een andere topper van Financiën, Dick Sluimers. En de Nederlandse bank wordt geleid door supertoezichthouder Wellink, ook ex-Thesaurier-Generaal van Financiën.

Allemaal kundige, competente mensen met een hoge professionaliteit. Maar ook allen erg nauw verbonden. Dat is ongelukkig. Meer afstand en kritische distantie zou beter zijn, om te voorkomen dat zoals in België bij Fortis laatst gebeurde, de aandeelhouders het vertrouwen verliezen in de (nieuwe) top, omdat die te zeer onderdeel is van te kleine, een besturende elite. Verse benoemingen zijn daarom erg welkom. Zorgen vrouwen nu eindelijk voor die frisse wind?