Recensie voor BinnenBerijk, april 2009
De opening van het LEF Future Centrum van Rijkswaterstaat in Utrecht leidde najaar 2008 tot grote krantenkoppen. ‘Relaxcentrum voor ambtenaren geopend’. En tja, de languit liggende stropdassen die op grote kussens onder een gekleurd lampjesplafond met een mobiel aan het oor lagen te gymnastieken deed menigeen even de wenkbrauwen fronsen. Kamervragen, scheldpartijen op GeenStijl en een bezuinigingsvoorstel (verkoop het LEF) van de VVD was de snelle oogst.
Toch is er professioneel veel waardering voor dit LEF, omdat het de erkenning vormt dat succesvolle creatieve sessies nu eenmaal meer vergen dan een zaal met flipover en stiften. Gevarieerde en op maat gesneden werkruimtes, kundige moderatoren en een veelheid van werkvormen vormen tezamen de ingrediënten voor zinvolle reflectie of inspiratiebijeenkomsten. Zonder deze zijn de sessies gezellig tijdverdrijf maar zelden de moeite waard. Als de wens en hoop van de LEF-oprichters uitkomt, dat met enkele creatieve ideeën over het filevraagstuk het hele centrum kan worden terugverdiend, zal zelfs de Telegraaf haar koppen moeten aanpassen. En komt de VVD er misschien haar verkiezingsstrategie bedenken. In een passend ingerichte zaal, met op de sessie afgestemde sfeerverlichting, zonodig film- en videovertoning, onderwijl de kleurgeur en smaakpupillen prikkelend. Mark heeft LEF ! Of beter.
Het boek ‘50 werkvormen voor creatieve sessies’ geeft veel ideeën voor zulke sessies. Klassiekers als mindmapping (in je eentje of samen). Of ‘advocaat van de duivel’ spelen, ook wel bekend als de ‘murder squad’, ofwel een idee destructief toetsen (wel goedmaken aan de bar later!). Oude bekenden komen ook in het boek als geleide fantasieën onder de nieuwe naam Fantasia (voeten op de grond, handen in de schootr, ogen dicht). En veel varianten op de poster en geeltjes sessies die we allemaal kennen. Maar ook nieuwe klassiekers. Wat te denken van (toegegeven, beetje VIVA-achtige) ‘goden en godinnen’. De niet op het gymnasium opgeleide inleider moet wel even een paar werkboeken door over de Griekse mythologie, maar dan kun je ook los en ieder ander vragen “Wat voor Godin ben jij’. Het zal een onthullende kennismaking worden (mijn favoriete nieuwe Godin is Persephone!). Zelf waan ik mij meer een Apollo (‘zorgt voor objectieve denkkracht’).
Wat ondanks de schat aan werkvormen in het boek ontbreekt, zijn de ingrediënten die in het LEF juist zo succesvol worden geacht, een passende omgeving en een kundige moderator. Meer aandacht daarvoor zou heel gewenst zijn. Jammer is ook dat het boek nauwelijks beeld of illustraties bevat en in saai grijs-wit is uitgevoerd. Dat streelt de zintuigen niet. Het geheel is daardoor overwegend uitleggerig en instructief, niet direct beeldend of inspirerend. Het is kortom meer een naslagboek dan een leesboek. Wie immers 50 creatieve vormen na elkaar leest zal het snel duizelen. Maar een ding is duidelijk. Voor vrijwel iedere oefening blijven flappen en stiften nodig. Mijn favoriete werkvorm blijft voorlopig nummer 38. Het diner pensant.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten