maandag, september 28, 2009

De kansen voor Bos

Column Binnenlands Bestuur dd 2 oktober 2009
Het kabinet lijkt te worden geteisterd door talloze plagen. Het weet geen beleidsdoorbraken te forceren, zoals bij ontslagrecht of de AOW-leeftijd. Het heeft moeite beslissingen te nemen over dringende zaken, zoals al dan niet langer te blijven in Uruzgan of de aanschaf van JSF’s. Het heeft verder de overheidsuitgaven en schuldontwikkeling niet in de hand, nooit eerder schreven we zulke rode cijfers als deze jaren. De algemene beschouwingen gaven de indruk dat er een gebrek aan ideeën heerste, een wenkend perspectief. Straks komt de commissie Davids nog met het rapport over de Irak-besluitvorming en ploffen dit voorjaar twintig heroverwegingsrapporten op de mat die schreeuwen om kloeke beleidsdaden. De zichtbare moeite die het kabinet lijkt te hebben te regeren straalt mede af op de PvdA en haar partijleider. Toch denk ik dat anders dan de Duitse ruk naar rechts in Nederland de PvdA de verkiezingen kan winnen en Bos in 2011 premier worden.
Welke redenen zijn daarvoor? Ten eerste denk ik dat nu Wilders een reëel gevaar gaat vormen voor de gevestigde partijen en kiezers een tegenstem willen uitbrengen. Rutte onderscheidt zich dan weinig, Balkenende bewees weliswaar bereid te zijn met de instabiele LPF te gaan regeren maar wist daar geen succes van te maken. Agnes Kant is nu eenmaal geen Marijnissen en of Halsema langer Groenlinksleider mag blijven dan 12 jaar is onzeker. Dus D66 van Pechtold en de PvdA van Bos –vooral dankzij zijn eersteklas verdediger Eberhard van der Laan- zijn kanshebbers voor de antiWilderstem, waarbij allochtone denkbaar in grote getale gaan stemmen en eerder bij de PvdA uitkomen.

Ten tweede is het goed denkbaar dat Bos de komende anderhalf jaar eerste successen gaat oogsten in de financiële dossiers. Banken vallen niet om en beginnen zelfs met terugbetalen en bankiers- en topsalarissen worden enigszins gematigd. Het lopende parlementair onderzoek naar de crisis van Jan de Wit cs dat later verschijnt kan zelfs een positief effect voor Bos hebben, hij heeft toch maar handelend en effectief opgetreden hetgeen hem eind 2008 ook veel waardering opleverde gaf en hoge scores in de peilingen.
Ten derde zijn er een aantal dossiers waar de PvdA vrij eenvoudig electoraal kan scoren, bijvoorbeeld door tegen de aanschaf van de JSF te blijven en het verblijf in Uruzgan zoals steeds beloofd te beëindigen. Het CDA zit daar veel lastiger in en krijgt waarschijnlijk nog veel last van het rapport over de Irakbesluitvorming.

Tot slot kan de PvdA een veilige haven worden voor veel werknemers in de publieke sector, studenten, ouderen en AWBZ-gerechtigden die vrezen dat de rapporten van de heroverweginggroepen een sterke aantasting van hun baanzekerheid of andere verworvenheden gaan betekenen. Miljardeningrepen zijn nodig maar er zijn daarin nog veel keuzen te maken. Er liggen daarom voor links kansen te over om electoraal scoren nu velen vrezen voor nieuwe aantastingen van de verworvenheden op het terrein van zorg en sociale zekerheid. Misschien gloort er zelfs perspectief voor een linkse meerderheid.

woensdag, september 23, 2009

De pijn van de crisis

Recensie in BinnenBerijk oktober 2009

Economie is niet altijd de eerste of grootste interesse van HRM-ers. Anders hadden ze wel een ander vak gekozen en waren ze controler of accountant geworden. Toch valt er niet te ontkomen aan het doordenken van de gevolgen van de wereldwijde crisis voor ‘arbeid en organisatie’, om het nog eens ouderwets te zeggen. Immers, de huidige crisis wordt wel de ergste economische crisis genoemd in tachtig jaar. Ofwel de ergste van uw leven en misschien wel de grootste. Nooit eerder kende we een negatieve groei van 5% en liepen overheidstekort en schuld zo hard op als nu. De schuld stijgt van 40 tot 60 procent van het nationaal inkomen, het overheidstekort verslechtert met zo’n veertig miljard. Best veel. Geen wonder dat komende jaren voor 35 miljard aan structurele bezuinigingen mot worden gevonden. Twintig procent eraf is het nieuwe credo.

Een kundige groep economen van het Centraal Plan Bureau beschreef recent wat de crisis betekent voor de samenleving en getroffenen, zowel economisch als voor ons aller geluk. En daarin zitten ook handvatten voor HRM.

De crisis raakt de meeste mensen drievoudig. Hun huis wordt minder waard (meer dan de helft van de Neder;anders heeft een eigen huis), de waarde van hun beleggingen daalt (twee miljoen Nederlanders beleggen, de helft daarvan meer dan 18.000 euro) en het inkomen daalt, door geslonken carrièrekansen of uitblijvende loonstijgingen.

Toch hoeft deze financieel kommer en kwel mensen niet per se ongelukkig te maken. Nederlanders blijken uit opeenvolgende onderzoeken al vele jaren best gelukkig. De inkomensstijging van de afgelopen dertig jaar heeft ons evenwel niet veel gelukkiger gemaakt. En de hiervoor genoemde financieel verliezen hoeven ons niet eens per se ongelukkiger te maken, veel meer factoren spelen namelijk een rol bij geluksbeleving.

Toch mogen we een ding niet over het hoofd zien. Werkloosheid of de dreiging daarvan verslechtert wel de inkomenspositie en geluksbeleving enorm. Een alleenstaande verliest door werkloosheid een kwart aan inkomen, de hogere middenklasse (twee maal modaal) zelf de helft. Geen wonder dat op een geluksschaal van 1 tot 10 werklozen een vol punt of meer lager scoren dan werkenden.

Belangrijk om te beseffen is dat behalve werkloosheid ook de káns op werkloosheid het geluksgevoel sterkt beïnvloedt. Dat betekent dat mensen die in een positie komen dat ze mogelijk ontslagen worden zoals ambtenaren nu al met minder plezier rondlopen. Het overgrote deel van hen volkomen ten onrechte want zelfs als de overheid 20 procent bezuinigt en evenveel ambtenaren uitzwaait mag nog altijd tachtig procent blijven. Maar veel meer dan deze twintig procent lijdt dus onnodig aan de vrees werkloos te raken. Dat zou wel eens heel meetbaar kunnen worden in medewerkerstevredenheidsonderzoeken komende tijd. Het dwingt ook tot nadenken wat een passend beleidsreactie is. De zekere blijvers een brief zoals ABNAMRO ooit deed? Snel ontslaan om onnodige onrust te voorkomen? De crisis dwingt dat keuzen worden gemaakt, ook door HRM. Doe dat vooral !

zaterdag, september 12, 2009

Waarom wachten tot 2011?

Column Binnenlands Bestuur dd 18 september 2009
Het wordt stil op en om het Plein in Den Haag. Zeker nu er snel een eind komt aan de gerichte stimuleringsmaatregelen die de departementen in Den Haag deden bij de Haagse horeca. Ook daar komt nu een eind aan. Want wie 35 miljard bijeen wil sprokkelen moet op de kleintjes letten. En de kleintjes zullen op politici en bestuurders letten. Dus even geen zonnebrillen declareren, geen alchoholovergoten diners, geen payTV op dienstreis, even een beetje dimmen allemaal, hooguit een haring bij de kar.
Maar waar haal je 35 miljard vandaan? Grofweg zijn vier bronnen te onderscheiden. Een eerste is bestaand beleid grondig heroverwegen. Bijvoorbeeld het woningmarkt met huursubsidie en hypotheekrenteaftrek, waar principiële, politieke keuzen zijn te maken. Voor de pensioensystematiek, houdbaarheid van de AOW en de aftrekbaarheid van premies geldt het zelfde.
De tweede is versoberen van bestaand beleid. Bijvoorbeeld de regelingen waar een groeiend beroep op wordt gedaan zoals in de sociale zekerheid (werkloosheidsuitkering, Wajong) of AOW-aanspraken (vergrijzing).
De derde optie is eenmalige baten genereren. Vermogen voor beleid inzetten, tafelzilver verkopen of dure aankopen uitstellen. Woningcorporaties hebben ruim 30 miljard aan vermogen, onderwijsinstellingen zo’n 10 miljard, provincies enkele miljarden. Dus men zal overwegen minder, later of geen JSFvliegtuigen aan te schaffen en meer.
De vierde weg is zuiniger aandoen, slimmer inkopen meer samenwerken –dus minder ambtenaren en adviseurs-, lagere wachtgeldregelingen, ondersteunende diensten fuseren, minder horecabezoek en dergelijke.
Het meest waarschijnlijk is echter dat de komende tijd in precies omgekeerde volgorde gewerkt gaat worden. Immers, verbeteren van de bedrijfsvoering en snijden in het eigen apparaat is de meest directe maatregels waar het kabinet eenvoudig toe kan beslissen. Zonder veel maatschappelijke weerstand kunnen budgetten voor ambtelijke diensten worden verlaagd, regelingen versoberd en vacaturestops ingesteld.
Lastiger is om de eigen vermogens van instellingen af te romen Die zijn immers in handen van medeoverheden, bestuursorganen of zelfstandige organisaties als scholen. Waarschijnlijk is het maximale resultaat voor dit kabinet dat deze organisaties vermogen deels gaan inzetten voor kabinetsprioriteiten, zoals met woningbouwcorporaties na moeizaam overleg eerder is afgesproken. De druk zal wel groeien om quasi-publieke vermogens aan te wenden in de exploitatie, zoals aan vermogende politiekorpsen al is verordonneerd.
Versoberen van nieuw beleid door het dichtschroeien van bestaande regelingen is een nog lastiger opgave. Immers, juist wanneer en regeling hard nodig wordt (meer jongeren gaan langer studeren, meer werklozen doen een beroep op een uitkering) zal er snel en hevig verzet komen tegen versoberingen.
Bestaand beleid ingrijpend veranderen tot slot is eigenlijk niet mogelijk zonder een nieuw politiek mandaat en kan daarom het best inzet zijn van de verkiezingen, zodat iedereen kan stemmen over de houdbaarheid en alternatieven voor het pensioenstelsel, zorgstelsel en woningmarktbeleid. Zo bezien wordt 2011 en de aanloop erheen enerverend, met als grootste risico dat bij een iets aantrekkende economie de bereidheid echt vergaande keuzen te maken wegebt. Verkiezingen najaar 2010 als alle heroverwegingsonderzoeken zijn afgerond en de politieke partijen hun visie op de stelselherziening hebben verwoordt in de verkiezingsprogramma’s zijn echter ook voorstelbaar. Waarom wachten tot 2011?