Recensie in tijdschrijft BinnenBerijk, december 2010
Veranderen heeft een harde en een zachte kans, zekerheiden en twijfels. Het boek van Erik Koenen illustreert de waarde van twijfelen en vragen stellen.
Op ieder departement worden de plannen gesmeed hoe gevolg moet worden gegeven aan de nieuwe politieke koers en de uitwerking van de gevolgen voor de organisatie. Inschikken, afslanken en anders werken zijn aan de orde van de dag. Op sommige departementen moet bovendien werk gemaakt worden van een fusieproces. Eerst zijn en worden de directie staven onder de bewindspersonen geïntegreerd. Dan de concernbrede staven als financiën, HRM, juridisch en communicatie. Daarna is de integratie of andere werkwijze van beleidsdirectoraten en –directies aan de orde. Al met al een hele opgave.
Nu zijn er twee soorten rationaliteit nodig in deze tijden. De ene is ‘de school van de duidelijkheid’, die pleit voor een stip op de horizon, een nieuwe missie, visie en doelen plus als het even kan snel ook de hark van de toekomst. Voor niet-insiders, de nieuwe organisatiestructuur. Daadkracht en duidelijkheid, nieuwe zingeving is in dit denken nodig, een marsroute het liefst.
Maar er zijn ook pleidooien voor een opener benadering. Schrijfster Desanne van Brederode hielde tijdens de nacht van advies op de SS Rotterdam de aanwezigen laatst voor juist niet organisaties weer te geven in taartpunten en staafdiagrammen. Een vastliggende aanpak of vooraf omlijnd stappenplan is zelfs ongewenst. Geen mens of organisatie is het zelfde, weg met het sjabloondenken kortom.
Inspirerend en direct hier op aansluitend is het boek van Erik Koenen die schrijft over De kunst van leiderschap in tijden van verandering. Over Amerikaanse managementboeken schrijft hij: ‘Aanvankelijk verwachtte ik hierin de wijsheid, maar het lezen ervan maakte me depressief. Ze staan vol met cases, succesvolle cases…..zij wel.’ Zijn boek gaat uit van de erkenning dat door ergens mee bezig te gaan zaken al veranderen, de veranderaar beïnvloedt. Zoals een roman- of scenarioschrijver zelf niet altijd weet hoe het met de hoofdpersoon zal aflopen, weet een organisatieveranderaar dat ook niet. En dat geeft niet, vindt Koenen. Twijfel, reflectie, bijsturing en intermezzo’s, soft skills kortom, mogen er ook zijn, zoals de computer ook uiteindelijk draait op ‘software’.
Het boek van Koenen is een wonderschoon geïllustreerd boek geworden, met 80 meer of minder bekende schilderijen links en een korte overdenking op de rechterpagina. Bijvoorbeeld de pop-arttekening van Roy Lichtenstein van een verdrinkend meisje (‘I’d rather sink than call Brad for help’) roept bij Koenen de vraag op of bestuurders wel op tijd hulp durven te vragen. Dali inspireert hem tot de idee hoe belangrijk het is om grote dromen te hebben. De schreeuw van Munch tot een pleidooi twijfels uit te spreken, ‘een zwijgend team moet worden ontbonden’.
Een bladerboek kortom met ook een opdracht aan de lezer. Welke illustratie past het meest bij de organisatieverandering waar je nu zelf aanwerkt? De goochelaar van Jeroen Bosch? Slapende reiziger? Dog barking at the moon?