zondag, februari 27, 2011

Miljardendansjes

Column Binnenlands Bestuur dd 4 maart 2011
Binnenkort vinden de eerste besprekingen plaats over de begroting 2012. Dit keer mag het kabinet Rutte voor het eerst volledig zelf alle keuzen maken. En dat is geen sinecure nu er voor miljarden moet worden omgebogen. Die dans om miljarden op kabinetsniveau wordt dieper in de organisatie steeds meer concreet. Kan de subsidieregeling worden gehandhaafd? Daalt het personeelsbudget van de directie voor 2012 zoals verwacht, of moet er toch nog meer af? Mag de medewerker naar de opleiding, zoals afgesproken in het jaargesprek?
Wonderlijk blijft altijd dat boven de hoofden van gewone Haagse stervelingen een macrowerkelijkheid bestaat. Een miljardenspel dat de microdiscussies overtreft. Neem maar de jongste uitkomsten over 2010. Alle eerdere ramingen ten spijt rapporteert Financiën eind februari dat het EMU-saldo 2010 op basis van voorlopige realisatiecijfers uitkomt op een tekort van 5,2% bbp. Dat is veel, meer dan 30 miljard. Maar het saldo valt wel veel gunstiger uit dan twee maanden eerder bij Najaarsnota nog werd verwacht. De nu gerapporteerde meevaller van 0,6% is in euro zo’n kleine 4 miljard. Hoera voor de Jager! De man die eventjes vier miljard meevallers rapporteert. Dat zou hij vaker moeten doen.
Maar waar komt de meevaller vandaan? De helft komt van sterk meevallende belasting- en premieontvangsten, die plotseling 2 miljard euro hoger uitkomen dan twee maanden eerder voorzien. Er zijn minder werklozen, bedrijven zetten meer af en maken meer winst. Departementen geven minder uit dan gedacht, de winstafdracht van DNB is hoger, de schuldsanering van de Antillen valt mee en de rente op de staatsschuld is lager dan gedacht. Financiën, het zonnetje in huis.
Zou de minister van Financiën nu met applaus ontvangen worden in de ministerraad? Of zou er een zekere irritatie zijn bij collega-ministers? Zij moeten immers het mes zetten in de uitgaven en maken zich minder populair. Zij mogen overal komen uitleggen waarom scholen minder budget ontvangen, ambtenaren geen salaris erbij krijgen en de krijgsmacht moet afslanken. Terwijl zij over miljoenen piekeren, rapporteert De Jager zijn miljardenmeevallers. Dat is dan even wrang.
Cruciaal is de vraag in welke mate Financiën kon voorzien dat de meevallers zouden optreden. Is er veiligheidshalve voor gekozen deze nog niet te rapporteren? Of was er sprake van strategisch gedrag? Bijvoorbeeld het idee dat als de miljardenmeevallers al bij Najaarsnota in november zouden worden gemeld, dit munitie zou zijn voor Tweede en Eerste Kamer bij de begrotingsbehandeling in december jl.
Waarschijnlijk is deze miljardenmeevaller per ongeluk zo groot. Financiën noch het kabinet heeft er immers strategisch belang bij al in 2011 te pieken. Het is doorgaans beter om tekorten eerst in het begin van de kabinetsperiode wat hoger te laten uitkomen en pas in het verkiezingsjaar 2014 mooie meevallende cijfers te presenteren.
Toch blijft nu de vraag of de ramingen voor uitgaven, belastingontvangsten en rente eind 2010 niet beter geraamd hadden kunnen worden. Vier miljard ernaast zitten in twee maanden roept veel vragen op. Een vakminister moet voor minder op het matje komen bij … Financiën.

zondag, februari 13, 2011

Is nul genoeg?

Column Binnenlands Bestuur dd 18 februari 2011
De ambtenarenbonden en minister Donner hebben nog geen nieuwe rijksCAO kunnen afsluiten. Donner houdt zich aan de letters en de cijfers van het coalitieakkoord en volhardt in de afwijzing van de looneisen. ‘Toegeven aan uw wensen voor de loonontwikkeling betekent dat er nog meer ambtenaren de rijksdienst zouden moeten verlaten’, is zijn schriftelijke verklaring. Zolang het kabinet deze lijn vasthoudt, missen de rijksambtenaren zelfs compensatie voor inflatie, wat tot 2% koopkrachtdaling kan betekenen. Het is even niet fijn om rijksambtenaar te zijn.
Erger nog dan het ontbreken van een aantrekkelijk salarisperspectief is de krimptaakstelling die hen boven het hoofd hangt. Departementen en uitvoeringsorganisaties moeten de komende jaren 15-25% van hun personeel inleveren. Waar dat precies neerslaat is onbekend. Ook dat geeft onzekerheid. En ook op dat punt in de onderhandelingen heeft Donner aangegeven niet de toezegging te kunnen doen dat gedwongen ontslagen voorkomen kunnen worden.
Binnen departementen worden al wel plannen gesmeed hoe deze krimpopdracht gerealiseerd kan worden. De beste inschatting is dat efficiency weliswaar vele procenten kan opleveren –waarover het ambtelijk management zelf aan de lat staat-, maar er echt ook taken moet worden geschrapt. En dat vergt politieke keuzen. Worden de meest arbeidsintensieve inkomensregelingen, subsidies of procedures beperkt? Worden de bedieningstijden van bruggen beperkt, leegstaande jeugdinrichtingen gesloten, inspecties verminderd? Uit de politiek komen nog maar weinig concrete voorstellen. Eerder de roep om meer inspecties (de vastgeketende Brandon), toezicht (de Moerdijkbrand) en controle (prositutiebranche). Maar taakreductie is wel nodig, met efficiency alleen komen de benodigde miljarden niet binnen.
Maar uiteindelijk komt de vraag ook terug bij individuele rijksambtenaren. Niet alleen of ze kunnen maar ook of ze willen blijven werken bij de rijksoverheid nu de beloning verschraalt en de werkdruk verder zal stijgen. Mede bepalend voor het antwoord op die vraag is of ze alternatieven hebben. Op de arbeidsmarkt hebben ambtebaren het niet eenvoudig. Ze genieten geen geweldig imago. Hun gemiddelde leeftijd is relatief hoog. Velen van hen, zeker beleidsambtenaren, zitten hoog in de salarisschalen. Anderen zijn deskundige specialisten maar wel op een relatief beperkt vakgebied. De werkvelden waar ze kunnen gaan werken zoals provincies en gemeenten hebben ook eerder een krimp- dan een groeiperspectief.
De beste kansen om de rijksoverheid te verlaten zijn er voor de relatief jongere, breder opgeleide medewerkers, die hun vak hebben bijgehouden of verbreed en nog niet te veel verdienen. Wie daar niet toe gerekend kan worden, is afhankelijk van de luimen van de politiek of hun specifieke werk over enkele jaren nog bestaat. Zoja, dan wacht hen door het vertrek van jonge hooggeleide collega’s wel een hogere werkdruk en een bij de markt achterblijvend loonperspectief .
Geen wonder dat de bonden -met veel oudere werknemers als lid- zich sterk maken voor salaris maar liever nog baanzekerheid. De kans is daarom groot dan Donner op nul kan uitkomen in ruil voor een paar mooie volzinnen over streven naar het voorkomen van gedwongen ontslagen. Meer zit er even niet in.